Nieuwe inzichten over risico-gedrag bij tieners en impulscontrole: cool versus hot

Dat tieners risico’s nemen omdat ze bepaalde impulsen niet kunnen onderdrukken is geen nieuws. YouTube staat vol met filmpjes waarin dit aangetoond wordt. Maar terwijl het lijkt alsof kinderen vaak beter impulsen kunnen onderdrukken dan (sommige) tieners, lijkt de waarheid veel genuanceerder. Franse onderzoekers onder leiding van Ania Aïte hebben een interessante verklaring gevonden hoe het komt dat tieners bepaalde impulsen beter kunnen onderdrukken dan kinderen en andere net slechter.

De onderzoekers maken een onderscheid tussen hot en cool control. Het essentiële verschil is dat bij cool er geen emotie betrokken is, en bij hot wel emoties in het spel zijn. Tieners kunnen makkelijker de impulsen onderdrukken die bij cool control aan bod komen dan jongere kinderen, maar als er emoties betrokken zijn, gaat het onder hot control mis.

Voor het onderzoek werden 2 versies gebruikt van de bekende Stroop-test:

Een versie was emotie-neutraal, bij de andere werd de test vervangen door een gezichtsherkenning test waarbij ze emoties moesten benoemen terwijl er andere emoties onder de gezichten stonden (beetje parallel aan de Stroop test waarbij ze dus de woorden moesten negeren).

De onderzoekers bekeken dit bij een groep van 56 kinderen van 10 jaar, 48 13-jarigen en 56 21-jarigen, en waar de coole controle lineair toenam over tijd, bleek er dus bij hot controle een duidelijke achteruitgang bij de 13-jarigen.

Abstract van het onderzoek:

Inhibitory control (i.e., the ability to resist automatisms, temptations, distractions, or interference and to adapt to conflicting situations) is a determinant of cognitive and socio-emotional development. In light of the discrepancies of previous findings on the development of inhibitory control in affectively charged contexts, two important issues need to be addressed. We need to determine (a) whether cool inhibitory control (in affectively neutral contexts) and hot inhibitory control (in affectively charged contexts) follow the same developmental pattern and (b) the degree of specificity of these two types of inhibitory control at different ages. Thus, in the present study, we investigated the developmental patterns of cool and hot inhibitory control and the degree of specificity of these abilities in children, adolescents and adults. Typically developing children, adolescents, and adults performed two Stroop-like tasks: an affectively neutral one (Cool Stroop task) and an affectively charged one (Hot Stroop task). In the Cool Stroop task, the participants were asked to identify the ink color of the words independent of color that the words named; in the Hot Stroop task, the participants were asked to identify the emotional expression of a face independent of the emotion named by a simultaneously displayed written word. We found that cool inhibitory control abilities develop linearly with age, whereas hot inhibitory control abilities follow a quadratic developmental pattern, with adolescents displaying worse hot inhibitory control abilities than children and adults. In addition, cool and hot inhibitory control abilities were correlated in children but not in adolescents and adults. The present study suggests (a) that cool and hot inhibitory control abilities develop differently from childhood to adulthood – i.e., that cool inhibition follows a linear developmental pattern and hot inhibition follows an adolescent-specific pattern – and (b) that they become progressively more domain-specific with age.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.