Baby’s beginnen nog (veel) vroeger met leren dan gedacht

Inside a Two-Month-Old Baby BrainDat baby’s al vroeg leren, weet elke ouder. Maar dat dit veel verder gaat dan een stem herkennen in de buik, een glimlach leren spiegelen of steeds meer controle krijgen over het eigen lichaam, kan soms verbazen. Jaren geleden toonde onderzoek van onder meer Stanislas Dehaene dat baby’s al op zeer jonge leeftijd verschillen kunnen waarnemen tussen hoeveelheden. Meer en minder blijken geen lege concepten, ook al hebben ze daar nog geen taal voor. Nog voor er sprake is van tellen, laat staan van rekenen, reageert het brein al anders op verschillende aantallen. Maar wat een nieuwe studie in Nature Neuroscience laat zien, gaat een stap verder. Het gaat niet alleen over hoeveel, maar ook over wat.

Een zeer groot team van onderzoekers onder leiding van Cliona O’Doherty keken met fMRI naar het brein van baby’s van amper twee maanden oud. Wakker, natuurlijk niet slapend. Dat alleen al is technisch indrukwekkend. Wat ze vonden, is inhoudelijk misschien nog verrassender: baby’s beschikken namelijk op die leeftijd al over rijke visuele categorieën in hun brein. Hun hersenen maken onderscheid tussen soorten objecten. Levend en niet-levend. Groot en klein in de echte wereld. Geen losse indrukken, maar een duidelijke structuur .

Tot nu toe moesten we bij dit soort onderzoek het vooral doen met kijkgedrag. Baby’s kijken langer naar iets nieuws dan naar iets bekends, en daar leiden we uit af dat ze verschil zien. Maar kijken vertelt ons weinig over hoe dat verschil in het brein georganiseerd is. Deze studie laat zien dat die organisatie er al heel vroeg is, nog voor baby’s dat gedragmatig expliciet tonen.

Belangrijk: dit is geen simpel verhaal van “eerst lage-level prikkels, later betekenis”. De klassieke idee dat leren netjes van eenvoudig naar complex verloopt, houdt hier geen stand. In het visuele brein van baby’s zijn al heel vroeg kenmerken aanwezig op verschillende niveaus. Niet afgewerkt, wel aanwezig. Wat volgt, is verfijning, niet een volledige heropbouw.

De onderzoekers maakten zelfs de vergelijking met artificiële neurale netwerken. Niet omdat baby’s kleine computers zouden zijn, maar omdat zulke modellen helpen begrijpen wat er geleerd wordt. De patronen in babyhersenen lijken sterk op systemen die leren uit statistische regelmatigheden in wat ze zien, zonder expliciete labels. Dat past perfect bij hoe baby’s de wereld ervaren: geen uitleg, geen instructie, maar wel een voortdurende stroom van vergelijkingen.

Samen met het eerdere werk over aantallen en numeriek inzicht schuift dit ons beeld van leren opnieuw op. Leren begint niet bij woorden, niet bij school, en zelfs niet bij “bewust begrijpen”. Het begint in een brein dat vanaf het begin actief structureert.

Dit is wellicht de grootste misvatting die dit soort onderzoek ondergraaft: het idee dat ontwikkeling start vanuit een leeg canvas, nog los van het nature/nurture debat. Baby’s brengen dan wel geen kennis mee zoals volwassenen die kennen, maar hun brein is wél al georganiseerd om kennis mogelijk te maken. En dat begint, zo blijkt, nog vroeger dan we dachten.

Afbeelding: Cusack Lab, © 2026, CC BY-NC-ND 4.0 (vond ik hier)

Geef een reactie