Welbevinden op school? Misschien is dit niet de juiste discussie…

Gisteren ging het in Ter Zake over onderwijs en de ondertussen vermoeiende tegenstelling welbevinden versus leren kwam er ook weer aan bod. Mocht je verwachten dat ik nu nog maar eens ga uitleggen dat het geen tegenstelling is, dat deed ik al eerder. Nieuwe cijfers doen vermoeden dat het gewoon zelfs een zinloze discussie is om een heel andere reden.

Als we kijken naar de laatste JOP-monitor, dan zien we dat 5,7% van de Vlaamse (en Brusselse jongeren) zich niet goed voelen/laag welbevinden hebben. Maar hoe groot is de invloed van school op dit welbevinden? Behoorlijk klein.

Scholen erven grotendeels het welbevinden van buiten de school. En dan vind ik het raar dat we in heel dit debat niet kijken naar de factoren die wel de levenstevredenheid eerder doen dalen:

 

PISA in Focus: pessimisme over het milieu, kinderen versus ouders

Er is een nieuwe PISA in Focus, waarbij wel nog steeds de data van PISA 2015 gebruikt wordt in afwachting van de nieuwe ronde die in december bekend gemaakt wordt. Wat bleken de 15-jarigen toen over het milieu te denken?

  • In 2015, only a minority of 15-year-old students believed that problems related to air pollution, the extinction of plants and animals, clearing forests for land use, water shortages and nuclear waste would improve over the next 20 years. In 12 of the 15 countries and economies that also asked parents about their beliefs, the parents’ responses showed even greater pessimism about these environmental issues than their children’s responses.
  • Children of parents who held pessimistic beliefs about environmental issues tended to be somewhat more pessimistic than other children, while children of parents who held optimistic beliefs tended to be more optimistic. Boys and low-achieving students held more optimistic beliefs than girls and students performing at or above baseline levels of proficiency in science.
  • On average across the 15 countries/economies that participated in this survey, students were most pessimistic about problems related to air pollution, while parents were most pessimistic about water shortages.

Wat tot de volgende conclusie leidt:

At any point in time, multiple generations of humans share the environment of planet Earth and thus a responsibility to preserve it for future generations. Today, however, teenagers and their parents are pessimistic about the future of our planet, and believe that many environmental problems will worsen over the coming decades. Educators should strive to ensure that realistic pessimism does not result in fatalism, but that better knowledge propels children – and their parents – into action, to help find or create the solutions to environmental problems requiring urgent attention.

Terug over schermtijd

Gisteren stelde de WHO nieuwe aanbevelingen voor schermtijd voor.

Concreet zijn het in feite aanbevelingen die we al langer kenden van de American Academy of Pediatrics:

  • Infants (less than 1 year) should:

    • Be physically active several times a day in a variety of ways, particularly through interactive floor-based play; more is better. For those not yet mobile, this includes at least 30 minutes in prone position (tummy time) spread throughout the day while awake.
    • Not be restrained for more than 1 hour at a time (e.g. prams/strollers, high chairs, or strapped on a caregiver’s back). Screen time is not recommended. When sedentary, engaging in reading and storytelling with a caregiver is encouraged.
    • Have 14–17h (0–3 months of age) or 12–16h (4–11 months of age) of good quality sleep, including naps.

    Children 1-2 years of age should:

    • Spend at least 180 minutes in a variety of types of physical activities at any intensity, including moderate-to-vigorous-intensity physical activity, spread throughout the day; more is better.
    • Not be restrained for more than 1 hour at a time (e.g., prams/strollers, high chairs, or strapped on a caregiver’s back) or sit for extended periods of time. For 1-year-olds, sedentary screen time (such as watching TV or videos, playing computer games) is not recommended. For those aged 2 years, sedentary screen time should be no more than 1 hour; less is better. When sedentary, engaging in reading and storytelling with a caregiver is encouraged.
    • Have 11-14 hours of good quality sleep, including naps, with regular sleep and wake-up times.

     

  • Children 3-4 years of age should:

    • Spend at least 180 minutes in a variety of types of physical activities at any intensity, of which at least 60 minutes is moderate- to vigorous intensity physical activity, spread throughout the day; more is better.
    • Not be restrained for more than 1 hour at a time (e.g., prams/strollers) or sit for extended periods of time. Sedentary screen time should be no more than 1 hour; less is better. When sedentary, engaging in reading and storytelling with a caregiver is encouraged.
    • Have 10–13h of good quality sleep, which may include a nap, with regular sleep and wake-up times

Opvallend is dat de aandacht vooral gaat naar beweging, meer dan naar de effecten van het naar schermpjes kijken zelf. Maar… terwijl er wel nieuw recent onderzoek dat terug een negatieve correlatie tussen schermtijd bij kleuters en aandacht in de kleuterklas ziet, hebben Britse wetenschappers (en zij niet alleen) toch bedenkingen bij de behoorlijk dunne basis waarop deze aanbevelingen gebaseerd zijn.

Het rapport van de WHO geeft toe dat de onderzoeksbasis ‘overall poor’ is, maar lijkt net als de oorspronkelijke aanbevelingen van de organisatie van Amerikaanse pediaters als adagium ‘better safe than sorry’ te gebruiken.

Hoe goed ken jij de Vlaamse jongere? De antwoorden op de vijf quizvragen

Vandaag deed ik een kleine quiz op Twitter over de Vlaamse jongeren, gebaseerd op de meest recente JOP-monitor.

Hoog tijd voor de antwoorden:

Het juiste antwoord is… 5,7%. Misschien verbaast het je in alle doemberichten die we vandaag te horen krijgen over jongeren. Uit Jongeren in Cijfers en Letters 4:

Een grote meerderheid (n = 6276; 77,8%) geeft ook aan blij te zijn met hun leven, een stelling waar slechts 5,7% (n = 460) het (helemaal) niet mee eens is. Die overwegend positieve levensvisie wordt tegelijkertijd wat genuanceerd doordat een substantieel aantal jongeren ook aangeeft nog niet alles te hebben bereikt wat ze willen bereiken (n = 2651; 32,9%).

Ook hier een antwoord dat misschien mensen zal verbazen:

Het grootste significante verschil – weliswaar nog altijd matig – zien we bij de gezinssituaties. Jongeren uit een intact gezin (van wie de beide ouders nog samen zijn) scoren twee punten hoger (1,93; Cohen’s D = 0,50) op algemene levenstevredenheid dan jongeren uit de overige gezinssituaties (voorname- lijk situaties waarbij de ouders apart wonen).

Hier was de vraag een beetje gemeen. Het klopt dat jongens significant een beetje hoger scoren dan meisjes op levenstevredenheid, maar in reële cijfers is het verschil maar 1 punt.

13,9% is (helemaal) niet tevreden over hun uiterlijk, 26,7% antwoordde tussen beide en 59,4% is tevreden of helemaal tevreden over zijn of haar uiterlijk.

Hier is het juiste antwoord 40%, 29,5% zou wel zijn of haar leven anders aanpakken, 30,6% zit tussen beide.

Meer inzichten over de Vlaamse jeugd verzamelen? Check Jongeren in Cijfers en Letters 4.

Een straffe app voor doven en slechthorenden van Google: Live Transcribe

Ontdekte – wat laat – via deze tweet een nieuwe app die in februari uitkwam.

Check de app hier.

‘Live transcriberen’ is een nieuwe toegankelijkheidsservice van Google voor doven en slechthorenden. Voor ‘Live transcriberen’ wordt gebruikgemaakt van de toonaangevende Google-technologie voor automatische spraakherkenning. De service genereert een realtime transcriptie van spraak naar tekst op je scherm, zodat je altijd kunt deelnemen aan het gesprek. Je kunt het gesprek ook voortzetten door je antwoord op het scherm te typen.