Nieuwe webreeks “Donkere gedachten” moet helpen om mentaal welzijn bij jongeren bespreekbaar maken

Zeer mooi initiatief:

Met Donkere gedachten wil WAT WAT het taboe rond mentaal welzijn doorbreken en jongeren tonen dat ze niet alleen zijn met hun donkere gedachten. 8 jongeren nemen hierin het voortouw en delen in 4 YouTube-afleveringen openhartig hun eigen moeilijke momenten.

Zit je met vragen? Op https://www.watwat.be/donkeregedachte… vind je tips om om te gaan met donkere gedachten. Je vindt er ook het kaartspel met gespreksstarters dat Mira en Talia gebruiken. Nood aan een babbel? Bel, mail of chat gratis en anoniem met Awel: https://www.awel.be/ Donkere gedachten is een campagne van WAT WAT in samenwerking met Awel, Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie en Vlaams Instituut Gezond Leven

Telefoongesprekken zijn beter dan berichtjes om een band te scheppen

Het ene doen we steeds minder, het andere steeds meer. Terwijl we onze smartphone nog steeds een telefoon noemen, lijkt het wel alsof we het voor vanalles en nog wat gebruiken, maar steeds minder voor bellen. Maar een berichtje sturen via Whatsapp of Whatever, dat doen we graag en veel.

Nieuw onderzoek keek naar het effect van berichtjes versus gesproken conversaties op de band tussen zowel vrienden als nieuwe kennissen. Terwijl de meerderheid telefoneren ‘awkward’ of ongemakkelijk vond, bleek het wel degelijk de aangewezen weg te zijn om een degelijke connectie te maken.

Emile Reynolds vat de eigenlijke experimenten als volgt samen voor BPS Digest:

In their first study, Amit Kumar from the University of Texas at Austin and Nicholas Epley from the University of Chicago looked at the experience of reconnecting with an old friend. Participants were first asked to think of someone they had fallen out of touch with, stating how long it had been since they interacted and rating the current closeness of their relationship.

Participants then imagined reconnecting with their old friend, and were asked whether they would prefer to contact them by phone or email and how they felt the interaction would go. They were then randomly assigned to actually connect with the friend either via email or by phone over the next week.

Even though the majority of participants believed they would form a stronger bond over the phone than via email, 67% stated they would prefer to get in touch by email (a number that rose to 72% among participants who successfully completed the full experiment). This may be because of perceived awkwardness: the majority also felt that a phone call would be more awkward. Of the participants who managed to get in touch with an old friend, those assigned to the phone condition reported feeling a significantly stronger bond than those assigned to the email condition — and in the end felt no more awkward.

The next study looked at new friends. Participants were put into pairs and assigned to one of three groups — text chat, audio chat, or video chat. To get close to their new friend, participants interacted via a “sharing game”, in which both parties ask and answer intimate questions (e.g. “can you describe a time you cried in front of another person?”). Before completing the tasks, participants predicted how well they would get to know their partner, how much they would enjoy the conversation, how strong a bond it would foster, and how awkward it would be to chat.

Although participants did not expect different outcomes across the different forms of communication, they again felt more connected with their partner via voice-based media than when simply using text. Participants anticipated awkwardness across all three categories (which may be more to do with the very intimate and unusual task than with specific communication methods themselves), though those expectations were unfounded.

In a final study, participants were again asked to imagine reconnecting with an old friend, rating how connected or awkward they expected to feel over email or phone and indicating their preferred method on a seven-point scale. The results suggested that expectations are a key driver of our choices — the more participants expected to feel connected via phone or email, the more they preferred to communicate in that form, and the more awkward they anticipated feeling the more likely they were to avoid that method.

Waarom ‘echte’ telefoongesprekken beter werken is voer voor verder onderzoek, maar het lijkt wel alsof het een goed idee zou zijn om het gesproken woord te herontdekken, hoe ongemakkelijk sommigen het ook vinden…

Abstract van het onderzoek:

Positive social connections improve wellbeing. Technology increasingly affords a wide variety of media that people can use to connect with others, but not all media strengthen social connection equally. Optimizing wellbeing, therefore, requires choosing how to connect with others wisely. We predicted that people’s preferences for communication media would be at least partly guided by the expected costs and benefits of the interaction—specifically, how awkward or uncomfortable the interaction would be and how connected they would feel to their partner—but that people’s expectations would consistently undervalue the overall benefit of more intimate voice-based interactions. We tested this hypothesis by asking participants in a field experiment to reconnect with an old friend either over the phone or e-mail, and by asking laboratory participants to “chat” with a stranger over video, voice, or text-based media. Results indicated that interactions including voice (phone, video chat, and voice chat) created stronger social bonds and no increase in awkwardness, compared with interactions including text (e-mail, text chat), but miscalibrated expectations about awkwardness or connection could lead to suboptimal preferences for text-based media. Misunderstanding the consequences of using different communication media could create preferences for media that do not maximize either one’s own or others’ wellbeing. 

Een misschien onverwacht voordeel van al dat swipen: kinderen lijken beter te worden in het herkennen van emoties

In tijden waar het uitzonderlijk vaak gaat over het delen van beelden online, zouden we misschien kunnen vergeten dat we ondertussen al een hele reeks kinderen hebben die geboren zijn na de release van de iPhone in 2007. Verschillende van de claims over deze kinderen en jongeren, als waren het bijvoorbeeld digital natives, bleken fout. Toch zagen we in eerder onderzoek wel bijvoorbeeld een verbetering van de waarnemingssnelheid, dit wel ten koste voor een stuk voor logisch denken.

Een nieuwe studie suggereert een nieuw voordeel dat misschien ingaat tegen de intuïtie van veel mensen – eerlijk, ook tegen de mijne en die van de onderzoekers: kinderen bleken in 2017 beter te zijn in het herkennen van emoties op een foto dan hun leeftijdsgenoten 5 jaar eerder in 2012.

Een dergelijke claim is natuurlijk moeilijk te onderzoeken. Er kunnen op die vijf jaar ook wel meer zaken veranderd zijn, maar de onderzoekers vermoeden dat de kinderen een stuk getraind zijn in net de oefeningen die ze hen voorlegden. De vraag hoe dit zich vertaalt naar de dagelijkse praktijk, is opnieuw moeilijk te beantwoorden.

Abstract van het onderzoek:

Key social learning occurs during early childhood with lasting effects throughout the lifespan. In the past 10 years, ownership of mobile technology grew rapidly, particularly in households with young children; this has dramatically changed the early learning landscape. With the ubiquity of mobile devices, many have questioned their effect on the social and emotional learning of children. To explore one aspect of this question, we conducted a cross-temporal comparison to compare two cohorts of sixth graders, one measured in 2012 and another in 2017. Each group took tests, one with still photographs of faces (diagnostic analysis of nonverbal accuracy 2 or DANVA2) and one with videotaped vignettes (the child and adolescent social perception measure or CASP), designed to measure their ability to accurately identify nonverbal emotional cues. We sought to explore whether changes in the early learning environment of the 2017 cohort, who grew up with mobile phones and tablets, could be related to participants’ ability to read nonverbal emotional cues. We found that sixth-grade students in 2017 performed better than sixth-grade students in 2012 on the DANVA2, but not on the CASP. One possible reason participants improved on the test with still photographs is because mediated communication has become more visual and less text based, and sharing photographs of oneself and others is more common. Accordingly participants may be more accurate at interpreting emotional cues in photographs due to a larger exposure to photographs of faces

Chinese studie toont de negatieve effecten van een lockdown op de mentale toestand van kinderen en jongeren

In deze nieuwe studie van Zhang et al werd de mentale toestand van meer dan 1000 Chinese kinderen en jongeren getest voor en twee weken na de lockdown. De gevolgen zijn nogal opvallend. Enkel voor angstgevoelens is er geen significante toename.

Comparison of the Incidence of Mental Health and Suicidal Behaviors Between the Wave 1 and Wave 2 Groups

Wave 1 was before the outbreak started (early November 2019), and wave 2 was 2 weeks after school reopening (mid-May 2020).

In welke landen zijn kinderen het gelukkigst? Nederland 1, België 8 van 41 landen. Wat is goed en wat kan beter?

Vandaag publiceerde Unicef een nieuwe report-card over geluk van kinderen wereldwijd (of beter in de 41 landen de bekeken werden). Het rapport bevat een schat aan data, onder andere blijkt België qua zelfmoordcijfers bij adolescenten het niet meer zo slecht te doen in vergelijking met andere landen, al blijft er werk aan de winkel. Ook scoren we hoog op prima familiale banden. Opvallend slecht scoort Vlaanderen op participatie op school en thuis. Ook de relatie school-ouders kan beter (al scoren we niet slecht, wel slechter dan de meeste andere landen). Qua vrije ruimte om te spelen scoren we middelmatig. We scoren qua NEETs (not in education, employment or training) relatief goed en zien zeker een verbetering de voorbije 10 jaar.

De uiteindelijke scores worden uitgedeeld op basis van deze 3 parameters:

Mental well-being: This includes both positive and negative aspects of a child’s mental well-being – life satisfaction and suicide rates.

Physical health: This includes rates of overweight and obesity, which affect children now and in future, and child mortality.

Skills: This dimension focuses both on academic skills – proficiency in reading and mathematics; and social skills – feeling able to make friends easily.

Dit is de top 10, bekijk hier de volledige tabel, waarbij wel opvalt dat we in België niet zo goed scoren voor mentaal welzijn:

Country Overall Mental health Physical health Skills
Netherlands 1 1 9 3
Denmark 2 5 4 7
Norway 3 11 8 1
Switzerland 4 13 3 12
Finland 5 12 6 9
Spain 6 3 23 4
France 7 7 18 5
Belgium 8 17 7 8
Slovenia 9 23 11 2
Sweden 10 22 5 14