Een podcast over media, opvoeding en team nuance

Ik was te gast bij de podcast van Digisaurus met Davy, Freek en Wouter over media en opvoeding:

Lees verder

Werkt sociaal-emotioneel leren echt? Nieuwe meta-analyse over prosociaal gedrag nuanceert het debat

Sociaal-emotioneel leren, of SEL zoals het vaak wordt afgekort, blijft één van die thema’s waar de discussies opvallend snel alle richtingen uitgaan. Voor sommigen is het bijna de oplossing voor alles wat fout loopt in onderwijs: van pestgedrag tot leerachterstanden en van welbevinden tot burgerschap. Voor anderen is het net een containerbegrip geworden waar scholen te veel tijd aan verliezen ten koste van “echte kennis”.

Een nieuwe meta-analyse in Review of Educational Research probeert alvast één stuk van die discussie concreter te maken: zorgen SEL-programma’s er effectief voor dat leerlingen prosocialer gedrag vertonen? Dus concreet: meer helpen, samenwerken, ondersteunen, delen of rekening houden met anderen?

Lees verder

Wat is kritisch denken eigenlijk?

Soms lijkt het alsof iedereen tegenwoordig kritisch wil denken of vooral wil dat we het onze kinderen leren doen. Het staat in leerplannen, beleidsdocumenten, visieteksten en is onderwerp van gesprekken over zogenaamde “21st century skills”, alsof er vroeger geen kritisch denken nodig was. Leraren moeten het stimuleren, leerlingen moeten het ontwikkelen en scholen zouden het centraal moeten zetten. Alleen… wat is kritisch denken eigenlijk?

Een nieuwe systematische review in Review of Educational Research laat mooi zien dat dit niet zo een eenvoudige vraag is als je misschien zou denken. Jarmila Bubikova-Moan en collega’s analyseerden 208 studies over kritisch denken in de lerarenopleiding en kwamen tot een opvallende conclusie: onderzoekers gebruiken het begrip voortdurend, maar bedoelen vaak verschillende dingen.

Lees verder

Waarom ik mijn titel bijna nooit gebruik

Een bekentenis: ik gebruik quasi nooit mijn titel. Geen dr., geen PhD. Noch Algemeen Directeur. Meestal gewoon Pedro. Ik ga er ergens van uit dat mensen na een tijdje wel merken of ik weet waarover ik spreek. Of niet.

Meer nog: ik merk al jaren dat veel studenten – en anderen – mij gewoon bij mijn voornaam kennen. Voordeel van een minder populaire naam te hebben. Een voordeel dat ik trouwens deel met Madonna, die ook geen familienaam nodig heeft ;).

Begrijp me niet verkeerd: ik ben ontzettend trots op wat ik bereikt heb. Een doctoraat haal je niet zomaar. Daar kruipen jaren werk, twijfel, stress, feedback, herschrijven en koppigheid in. Eeuwige dankbaarheid aan de mensen die mij hebben bijgestaan. Bloed, zweet en tranen klinken cliché, maar het klopt vaak wel een beetje.

Lees verder

Lectuur op zaterdag: honing altijd goed, wat als je ergens anders geboren was, waarom weinig woorden op slides, en meer

De weekendbijlage bij deze blog:

Lees verder

Waarom stijgen ADHD-diagnoses wereldwijd? Een andere blik op een complex debat

Tijdens een lezing in Mechelen kreeg ik onlangs een vraag van een directeur die ik steeds vaker hoor: waarom zien we eigenlijk zoveel meer diagnoses zoals ADHD dan vroeger? Is er echt een explosieve stijging? Zijn kinderen veranderd? Of kijken wij anders?

Niet toevallig kwam ik kort daarna via Dan Willingham een nieuwe sociologische studie tegen in Social Forces die precies die vraag probeert te beantwoorden. Niet vanuit neurologie of psychiatrie, maar vanuit een macrosociologisch perspectief. Ik ga zeker niet met alles volledig akkoord, je zal snel merken waarom. Toch vond ik ze wel bijzonder interessant omdat Tuncer-Ebetürk en collega’s iets proberen te doen wat ik nog niet vaak zag: ADHD wereldwijd bekijken als cultureel én institutioneel fenomeen.

Lees verder

Coöperatief leren in wiskunde: effectief, maar alleen als het goed gebeurt

Samenwerken in de wiskundeles werkt. Tenminste, dat lijkt de conclusie van een nieuwe systematische review in de British Educational Research Journal. Patricia Hampson en collega’s bekeken onderzoek naar coöperatief leren in de wiskundeles bij leerlingen van 11 tot 16 jaar. Hun conclusie is behoorlijk positief: in acht van de negen geselecteerde studies gingen de prestaties vooruit. De berekende gemiddelde effectgrootte lag zelfs rond +0.62. Dat is stevig voor onderwijsonderzoek. Maar wacht, het is een pak complexer!

Lees verder

Waarom verschillen tussen kinderen al zo vroeg zichtbaar zijn

Nadat er een internationaal rapport verschijnt, komen er veel reacties die vaak neerkomen op ‘zie je wel’, want mijn oplossing zou werken. Ook ik ben hier wellicht niet vreemd aan. Daarom wil ik vandaag iets anders proberen namelijk door twee andere bronnen te nemen met de bedoeling mijn eigen blik te verruimen. In De Tijd las ik zo gisteren een interview met Nobelprijswinnaar James Heckman (over wie ik ooit wel al een paper schreef) én een nieuwe blog en nieuwe paper van onderzoekers van UCL over genetische predispositie en sociale ongelijkheid.

Op het eerste gezicht lijken dat compleet verschillende werelden. Heckman (en IELS) praten over kleuters en vroege ontwikkeling, de andere over polygenic scores en genetica. Maar eigenlijk raken ze allebei aan exact dezelfde ongemakkelijke vraag: waarom zien we verschillen tussen kinderen al zo vroeg? En waarom blijken die verschillen zo hardnekkig?

Lees verder

Een van de betere AI-studies in onderwijs? ChatGPT-feedback versus docentfeedback bij leraren in opleiding

Veel onderzoek naar AI in onderwijs heeft momenteel hetzelfde probleem. Kleine steekproeven, korte interventies, zwakke controlegroepen en vervolgens toch grote conclusies over hoe “AI het onderwijs verandert”. Het gevolg is dat het voor onderzoekers en mij vaak echt wieden is in een enorme hoeveelheid mindere kwaliteit. Daarom viel deze nieuwe studie over AI-feedback in Teaching and Teacher Education van Ding & collega’s me net op. Niet omdat ze perfect is. Dat is ze zeker niet. Maar wel omdat dit eigenlijk een van de betere AI-in-education studies is die ik de voorbije maanden las.

Lees verder

Kinderen worden niet geboren als een onbeschreven blad, maar als een ongeordende, overvolle boekenkast

Het is letterlijk een eeuwenoude discussie. Worden kinderen geboren als een onbeschreven blad? Of ligt alles al vast vanaf de start? Het zijn twee posities die elkaar al eeuwen afwisselen, meestal in iets modernere verpakking, van behaviorisme tot inzichten uit genetica. De ene legt de nadruk op omgeving en ervaring, de andere op aanleg en biologie.

Alleen… ze kloppen allebei niet echt. Vaak is er sprake van interactie en versterken nature en nurture elkaar. Maar een nieuwe studie in Nature Communications bevestigt een andere kijk.

Victor Vargas-Barroso en collega’s keken naar de ontwikkeling van het hippocampale geheugensysteem en schetsen een beeld dat moeilijk in een van beide klassieke kaders past. Wat de onderzoekers daar zien, is geen leeg begin dat langzaam wordt ingevuld. Integendeel. Het netwerk start relatief dicht en weinig gestructureerd, en evolueert vervolgens naar iets dat tegelijk schaarser en beter georganiseerd is . Of, in hun woorden: eerder een tabula plena dan een tabula rasa. Dit idee is op zich niet nieuw, maar deze studie maakt het scherper en concreter door te tonen hoe die overgang er functioneel uitziet in het brein.

Lees verder