Als je een wetenschappelijk artikel leest, kan onderzoek soms een merkwaardig emotieloos proces lijken. Eerst formuleerden de onderzoekers een hypothese. Vervolgens voerden ze een experiment uit. Daarna analyseerden ze de data en trokken ze een conclusie. Wie zelf onderzoek doet, weet natuurlijk dat het zelden zo voelt. Integendeel, het is een proces van vallen en opstaan, van eureka-momenten en niet eens inwendig gevloek. En dan heb ik het nog niet gehad over de lijdensweg die publiceren kan zijn (damn you, tweede reviewer!)
Een nieuw artikel van Jonna Brenninkmeijer en collega’s geeft een vrij uitzonderlijke inkijk in dit proces. De onderzoekers volgden van heel dichtbij een team psychologen dat een invloedrijk experiment uit de jaren tachtig probeerde te repliceren, dat onderzoek vind je trouwens hier. Ze observeerden vergaderingen, analyseerden documenten en volgden het project van de voorbereiding tot de uiteindelijke publicatie. Het resultaat is bijna een kijkje in het hoofd (en hart) van de wetenschapper.
