We denken het maar we weten het meestal niet….

Een trend die me opvalt de voorbije dagen is hoe iedereen de toekomst weer lijkt te kunnen voorspellen. Zelfs Marc Van Ranst valt in interviews vaak uit zijn rol met voorspellingen over de postcorona-crisis, maar als topviroloog ben je niet noodzakelijk expert op alle gebied. Er zijn mensen die op bepaalde gebieden beter zijn dan anderen in wat we educated guesses noemen omdat ze bijvoorbeeld een welbepaald effect van eerdere crisissen hebben onderzocht. Maar net zoals weinigen konden voorspellen wat er nu gebeurt, is het vaak toch nog behoorlijk onzeker wat dit alles voor effect zal hebben op langere termijn.

De vele voorspellingen zijn volgens mij vooral leerrijk om een heel andere reden: ze leggen vaak de hoop of de vrees bloot van diegene die de voorspelling uitspreekt over milieu, de samenleving, democratie, onderwijs,… Ik lees ze zelf vooral zo. Het kan handig zijn in de toekomst. 😉

Bij het begin van de tweede week…

Beste collega’s,

we gaan de tweede week in en het is wellicht nog lang niet gewoon geworden, integendeel.

Duurde bij jullie de vorige week ook zo lang?

De voorbije dagen heb ik in mijn omgeving en in FB-groepen van leraren verschillende alarmsignalen gezien van leraren die het zwaar hebben, van ouders die het zwaar hebben, van leerlingen die te veel moeten doen, soms te veel, soms te weinig doen, enz. dit alles natuurlijk ook naast de vele goodwill van zowat iedereen.

Ik val in herhaling, maar temporiseer. Iets over een marathon en een sprint, je weet wel.

En nu vooral hopen dat de loop van de curve verandert. Vandaag gaf een beetje hoop, hopelijk morgen nog meer.

Hou vol en zorg voor jezelf en de jouwe,

Pedro

Ongemakkelijke boodschap rond technologie in onderwijs

We zijn nu allemaal druk bezig met online leren, en ik begrijp het ‘nood breekt wet’. Tegelijk slaat de angst me om verschillende redenen om het hart.

  • Ik krijg signalen uit oa Zweden dat bepaalde beleidsmakers denken dat nu het lerarentekort opgelost is. Zie je wel: technologie lost het op. Dit is zo fout en kort door de bocht. Ten eerste zijn het uitzonderlijke omstandigheden, ten tweede kennen we niet het eigenlijke effect.
  • Door mijn lidmaatschap in de commissie die Kennisnet en de Nederlandse PO-raad hebben opgestart rond digitalisering, leerde ik welke haken en ogen er bestaan bij het gebruik van technologie in de klas en in onderwijs die echt een pak verder gaan dan privacy, maar ook over platformisering, biases, druk en werkdruk, invloed, enz. Check hier het rapport.

Er is nu weinig ruimte voor discussie omdat we branden aan het blussen zijn, maar dit worden belangrijke aandachtspunten voor snel na de crisis die ook moeilijker zullen zijn omdat bijvoorbeeld bepaalde scholen al vast zullen zitten in bijvoorbeeld bepaalde silo’s (nu al het geval) of gewoon zullen zijn geworden aan bepaalde tools die het misschien minder nauw nemen met de ethische kant van de zaak of gewoonweg kinderen ongeweten benadelen.

Deze crisis toont wat belangrijk is… (vul gerust aan)

Er was al de Nederlandse lijst van cruciale beroepen – iets wat nu ook in Vlaanderen politiek opdook, maar iets dat ik zelf merk is dat je begint te beseffen wat belangrijk is in deze crisis.

Een kleine greep, maar vul gerust aan:

  • Menselijk contact (ik vermoed een afkeer van het digitale na deze periode)
  • Familie
  • Vrienden
  • Solidariteit
  • Cultuur
  • Eten
  • en om een of andere raden reden toiletpapier, veel toiletpapier.
  • een goed georganiseerde gezondheidszorg
  • duidelijke communicatie
  • experts en wetenschappers

Mijn vrees is dat we een te kort geheugen zullen hebben na dit alles…

Klein voorstel om toe te voegen aan de lockdown regels: bezorg mensen geen extra stress

Ik probeer zo weinig mogelijk uit de heup te schieten, maar deze keer kon ik niet anders.

De reacties onder leraren waren niet mals voor de econoom. Terecht, imho.

Misschien moeten we een extra regel invoeren tijdens deze lockdown die we geen lockdown willen noemen: bezorg geen extra onnodige stress aan mensen die nu al in moeilijke omstandigheden er het beste proberen van te maken.

Dit geldt dus niet enkel voor onderwijsmensen, maar voor iedereen.

Lees even dit twitter-draadje over de mogelijke gevolgen op gelijke kansen van schoolsluitingen (+ een zeer concreet voorstel tot oplossing!)

Zelf schreef ik er deze post over vorige week, gisteren gaf de Leuvense professor Wim Van Lancker een uitgebreidere uitleg met cijfers op twitter. Niet zozeer omdat het idee van een sluiting van de scholen fout is, wat sommige dachten, wel omdat we moeten nadenken over oplossingen.

Ik heb een concreet voorstel voor een concrete oplossing waarvan we uit onderzoek weten dat het kan werken: de studenten van de lerarenopleidingen die nu in problemen zitten met hun stages, zouden kunnen ingezet worden om gericht bijles en preteaching te geven aan de leerlingen die het nodig hebben als de lessen weer opstarten. Dit zou twee vliegen in 1 klap kunnen betekenen. Lees goed: dit is dan wel bedoeld als extra bovenop de gewone lessen, daarom dat ik het ook bewust over preteaching heb.

En nu de tweets van Wim:

 

Na een eerste dagje online les en vergaderen zijn de belangrijkste woorden voor mij…

De eerste officiële online werkdag zit er bijna op – na dagen voorbereiden – en de belangrijkste woorden waarmee ik het zou willen samenvatten zijn: goodwill en geduld.

Het is normaal dat niet alles vlot loopt. Het is niet onlogisch dat platformen het begeven onder de plotse enorme druk. Tegelijk merkte ik hoe iedereen – collega’s en studenten op mijn beide werkplekken – dit begrijpt en er samen naar oplossingen wordt gezocht.

Het zal nog een tijdje duren vooraleer het een beetje normaal lijkt, en helemaal normaal zal het nooit worden. Denken dat je zoiets wel zal uitleggen in de les, en dan opeens beseffen dat die les niet zo zal plaats vinden.

Ik hoorde vandaag lesgevers die nieuwe mogelijkheden van technologie ontdekten en anderen die tegen de grenzen van de mogelijkheden aanliepen. En ik merkte bij veel mensen dat ze opeens het menselijke contact meer waarderen. Als iets gewoon geworden is, vergeet je vaak hoe speciaal het in feite wel is. Dit geldt trouwens ook voor die lijst van cruciale beroepen die nu opeens belangrijker dan ooit blijken.

Er zijn gelukkig een paar zekerheden. Naast die goodwill en dat geduld, is er vooral morgen weer een dag.

 

 

Beste collega, trap niet in de val waar ik bijna in trapte: dit wordt een marathon, doe geen sprint

Deze ochtend begon ik om zes uur de audio in te spreken van 2 filmpjes voor een online cursus die dinsdag moet verschijnen ter vervanging van mijn aulalessen. Een uur later had ik twee keer twee minuten. Gisteren heb ik de hele dag gewerkt aan het uitwerken van de twee leerpaden en ik zit zowat halverwege.

En deze ochtend besefte ik dat ik in de val aan het trappen ben, waarvoor mijn baas in Leiden me had gewaarschuwd. Ik probeer namelijk dezelfde kwaliteit te leveren die ik mijn lessen nastreef en dat gaat niet in zo een beperkte tijd. Voor die twee aulalessen die ik al had voorbereid, werkte ik al uren – en dat was dan puur een update van vorig jaar. En dan zijn er nog mijn ander lessen en taken.

Leg de lat hoog, maar wees niet onredelijk. Doe je best, maar besef dat dit geen sprint is, maar een marathon kan worden waarbij niemand geholpen wordt als je crasht. Ik denk dat ik deze laatste zin nog vaak ga herlezen.

Oh, en voor de niet-onderwijsmensen:

Oh, en voor wie een beetje hoop wil, check hier.

5 weken geen les (minstens), wat kan het effect zijn?

Het is vandaag de laatste schooldag voor even. De lessen in België worden alvast geschorst tot en met 3 april – en dan volgt er de paasvakantie. Het is nog onzeker wat er na de paasvakantie zal gebeuren.

Maar wat zijn de effect van een dergelijke periode zonder les? We zitten op ongekend terrein en dit is allemaal geen kritiek op het opschorten van de lessen. Ik denk dat het de enige beslissing was die men kon nemen, maar laat ik wat beredeneerde gokken wagen.

  • Parallel met wat we weten over het leereffect van een lange zomervakantie – waarvan het leereffect bij Hattie -,02 is – kan je vermoeden dat het effect gemiddeld negatief kan zijn als er helemaal niks gebeurt rond leren. In mijn lezingen leg ik uit dat dit een gemiddelde is, en dat voor sommige het effect positief kan zijn als er aan cultuur gedaan wordt, gelezen wordt, enz. De vraag is wel hoe dit nu zal zijn, nu bijna alles ook dicht gaat, reizen nauwelijks een optie zijn, en de bib op veel plaatsen ook geen optie is.
  • Er worden plannen gemaakt voor online lessen en afstandsonderwijs. Voor alle duidelijkheid: dit is niet iets dat je even doet en dan zeker met iets kwalitatiefs en/of effectiefs eindigt. Maar je kan ook rederen: alles is beter dan niks. Ik kreeg gisteren in verschillende reacties op mijn inspiratielijstje voor digitaal leren de vraag hoe het zit met kinderen met slechte of beperkte toegang tot technologie. Dit is een goede vraag. Wat met een gezin met drie kinderen en bijvoorbeeld maar 1 computer? En nee, veel basisschoolkinderen hebben nog geen eigen gsm. Communicatie zal hier de grootste uitdaging worden. Het is zeker zo dat vandaag via digitale wegen veel ouders en daardoor ook hun kinderen bereikt kunnen worden, maar je zit daar ook met een grote groep die moeilijk bereikbaar zijn om velerlei mogelijke redenen zoals bijvoorbeeld taal.
  • Voor kinderen in de vroeg leerjaren kunnen de verschillende vormen van automatiseren van lezen, schrijven en rekenen een ferme deuk krijgen indien ze niet genoeg geoefend worden.
  • De examens in het secundair onderwijs voor de paasvakantie worden geen optie – al vermoed ik dat hier ook scholen misschien taken of online zullen proberen. Dit kan leiden tot zwaardere evaluatiemomenten op het einde van het schooljaar. Sommige ouders zullen hun kinderen genoeg laten bijhouden, andere zullen misschien de komende weken benaderen als vijf weken zeer aparte vakantie. Tegelijk zijn er kinderen die de hele tijd op school zullen doorbrengen, en misschien krijgen die wel onder de radar wat les of vorming.
  • Leraren zullen keuzes moeten maken in het curriculum, want niet alles kan online, niet alles kan verschoven worden, enz.
  • Ondertussen hopen sommigen dat dit voor een shift in onderwijs en de digitalisering van onderwijs kan zorgen, maar ik zou toch voorzichtig blijven. In hoger onderwijs kan dit mogelijk zijn, maar ik vermoed dat hoe jonger de kinderen zijn, hoe kleiner deze kans is. Sowieso is afstandsleren voor kleuters geen evidentie.
  • De verschillen ook tussen scholen kunnen enorm worden.

Een belangrijke uitdaging is dat de ondersteuning van kinderen en duiding bij deze aparte situatie niet meer of veel moeilijker door hun leraren kan gegeven worden.

Wat valt er bij dit alles op:

  • de druk op ouders kan groter worden. De gezinnen zullen trouwens sowieso meer op elkaar aangewezen zijn, zonder veel mogelijkheden tot uitweg wegens alles dicht.
  • Doorheen alles zit een reële kans dat het effect tussen de kinderen heel erg kan verschillen en de ongelijkheid tussen kinderen kan toenemen.
  • Na de paasvakantie – hopelijk – zullen veel scholen tegelijkertijd moeten remediëren voor wat verloren ging zoals na een lange vakantieperiode en op een kortere tijd toch nog een deel van het curriculum moeten trachten te realiseren.
  • Communicatie zal een uitdaging zijn om iedereen te bereiken.

Persoonlijk denk ik dat de media – klassiek en online – een belangrijke rol kunnen spelen bij dit alles. Ik denk dan onder andere aan goede teksten voor kinderen met bijvoorbeeld duiding bij alles wat er gebeurt maar de nodige alternatieven voor de gesloten bibliotheken. Of leerrijke tussenflimpjes of zelfs oefeningen via Ketnet of andere kanalen, ook op VTM, Vier of Een tussen de programma’s door? Probleem is dat het allemaal snel moet geregeld worden. En het zal nog steeds moeilijk zijn om zo iedereen te bereiken.