Klaskit, de workshops!

De voorbije twee jaar gaf ik lezingen over Klaskit over de hele wereld. Er was 1 vraag die ik regelmatig kreeg en die ik niet kon beantwoorden, tot nu. Mensen vroegen me namelijk naar workshops bij het boek. Zelf kan ik dat er niet bijnemen, geef nog steeds te graag les en doe te graag onderzoek, maar… de voorbije maanden hebben Liese Missine, Jan Tishauer en ikzelf gewerkt aan workshops waarmee je op school zelf aan de slag kan gaan met een inzicht uit het boek.

Voorlopig hebben we in het aanbod drie inzichten uit het boek uitgewerkt:

  • Leerlingen diep laten nadenken
  • Werk multimediaal: dual coding
  • Gespreide herhaling: spaced repetition & interleaved practice

Het zijn echte workshops en geen lezingen. Of beter: het zijn reeksen van drie workshops van 2 uur per onderwerp, gespreid over minimaal 3-4 maanden voor een optimale opvolging. Dit betekent samen op weg gaan om effectieve aanpakken als dual coding, aanzetten tot denken, of gespreid oefenen, concreet te vertalen naar je eigen school- en klascontext.

Meer info vind je op Klaskit.com

Waar is de evidentie? Over getuigenissen en autoriteit.

Onlangs zag ik een lezing van een buitenlandse professor die een uur lang pleitte voor meer gebruik van evidentie in onderwijs, maar er was een opvallende manco in haar presentatie. Ze beweerde zeer veel zaken, waarvoor ze echt zelf… geen enkele evidentie aanvoerde.

De presentatie deed me denken aan het boek ‘When can you trust the experts’ van Daniel Willingham dat ik hertaalde naar het Nederlands. Daarin schuift Willingham onder andere de volgende twee belangrijke tips naar voor:

  • Autoriteit is een zwak argument. Het kan je misschien verbazen, maar wetenschappers zijn ook maar mensen, die soms ook gewoon een mening hebben die niet noodzakelijk onderbouwd is. In Juffen zijn Toffer dan Meesters hebben we zo een hele case beschreven (met bronnen) van een Britse professor die ook herhaaldelijk claims deed, wat bij andere wetenschappers leidde tot de vraag ‘where is the evidence’. Zelfs een uitspraak als ‘John Hattie zegt…’ mag je niet ontslaan van kritisch denken.
  • Je negeert beter getuigenissen als deze als aanbeveling gebruikt worden. In de presentatie die ik bijwoonde, zat dan wel geen enkele referentie, er waren wel getuigenissen: mensen die hun mening gaven over een bepaald product. Je mag mijn inziens het vergelijken met dit:

Het is misschien een beetje te straf gesteld, maar als bijvoorbeeld Bill Clinton een bepaald persoonlijkheidsmodel aanprijst, dan is dat evenveel waard als je buurman die dat model zou aanprijzen, gesteld dat die man net zoals Bill geen psycholoog is.

Voor de evidentie achter de voorbeelden, verwijs ik graag naar het meest recente mytheboek waarin we onder andere het model dat Bill Clinton aanprees uitgespit hebben, net als de case van prof. Greenfield en in het laatste hoofdstuk uitleggen waarom ‘Hattie zegt dat…’ soms ook fout kan lopen.

Boeklancering “Juffen zijn toffer dan meesters”, 28 februari 2019, PXL, Hasselt

Het is zover, ons nieuwe boek komt er aan!

Over het boek:

Goede omgang met kennis, bronnen en factchecking is belangrijker dan ooit. In de veelheid aan informatie die leraren, ouders, pedagogen, en politici dagelijks te verwerken krijgen, is het niet altijd duidelijk wat ze werkelijk voor waar mogen aannemen.

Is aangeboren intelligentie bepalend voor een goede schoolcarrière? En hoe zit het nu met die juffen en meesters? In dit boek staat het weloverwogen antwoord.

U bent van harte uitgenodigd voor de boekvoorstelling op 28 februari bij hogeschool PXL in Hasselt.

Inschrijven is gratis en kan via deze knop.

Programma
19u00    Ontvangst
19u15    Boekoverhandiging door Hilde Vanmechelen, directeur-uitgever LannooCampus
19u20    Inleiding door Marc Hermans, departementshoofd PXL-Education
19u30    Pedro De Bruyckere met belangrijke inzichten uit Juffen zijn toffer dan meesters
20u10    Gesprek over mythes
20u30    Einde voorzien
Praktisch:
28 februari 2019
Ontvangst 19u00
Hogeschool PXL
Elfde Liniestraat 24, gebouw B
3500 Hasselt

Parkingplan

Een klein alternatief, persoonlijk lijstje voor het komende jaar

Eergisteren plaatste ik wat er zoal aan Vlaams onderwijsnieuws te verwachten is voor 2019. Vandaag een klein lijstje met persoonlijke plannen.

  • Juffen zijn toffer dan Meesters, het tweede mytheboek van Paul, Casper en mezelf komt uit in Februari. Mag ik bekennen dat ik steeds slechter begin te slapen. Uit een mailconversaties tussen de auteurs: ‘Ik vrees dat nu bijna iedereen boos zal zijn. Antwoord: ‘Als ik klaar ben, wellicht iedereen’. Was toen een grap, nu een vrees.
  • Ook in februari ga ik voor de eerste keer een kleine lezingentournee door de VS doen.
  • Ook nog lezingen gepland in Jersey, Dubai, Italië, Zwitserland,… (voor compleet overzicht, check hier)
  • Ja, er wordt gewerkt aan een nieuw boek. Nee, nog geen nieuws, wel dat het een groot werk is.

Qua onderzoek en bijhorende publicaties:

Qua muziek:

Verder blijf ik natuurlijk bloggen én wordt deze blog dit jaar 10 jaar oud!

Is dit alles? Nee, maar alles wat ik nu kan delen :).

Dit is fijn nieuws: een heel boek over gender en de Vlaamse jeugd nu helemaal gratis te downloaden

Leuke tweet van prof Bram Spruyt met nog leuker nieuws:

Dus als je iets over paardenmeisjes wil bijleren…

Waarom de vakkennis van de leerkracht belangrijk is (uit Klaskit)

De Vlaamse onderwijsvakbond COC luidt de alarmbel over de modernisering die ingaat op 1 september 2019. Ze vragen respect voor de vakkennis en vakkunde van leerkrachten die vrezen niet meer aan doelen te mogen werken waar ze goed in zijn terwijl ze wel vakken (over clustervakken) zullen moeten geven waar ze minder over weten. De aanleiding is de grote vrijheid die al bestond om vakoverschrijdend te werken, maar die nu door de leerplannen van de twee grootste onderwijsverstrekkers meer ondersteund wordt.

Maar hoe belangrijk is de vakkennis van de leerkracht? Even de conclusie plakken uit het hoofdstuk dat daar over gaat in Klaskit:

  • Er is geen lineair verband tussen meer vakkennis bij de docent en meer leren bij de leerling of student.
    (dit wil zeggen dat de grootste expert niet noodzakelijk de beste leerkracht is)
  • Vakkennis kan wel een belangrijke voorwaarde zijn voor klasmanagement en speelt een rol in de relatie tussen lerende en lesgever.
    (Dit wil zeggen dat als je zeker bent van je stuk er mentale bandbreedte vrijkomt om je op de klas te richten)
  • Een lesgever moet weten waar hij of zij over spreekt, maar moet dit ook kunnen vertalen naar de verschillende niveaus van de lerende in zijn of haar leerproces.
    (Dus vakkennis is wel degelijk ook voor de inhoud belangrijk, maar je moet het ook kunnen vertalen naar het niveau van de leerling)
  • Bij een groter wordende kloof tussen de lesgever en de leerlingen kan het gevaar van de vloek van kennis opduiken.

 

Wanneer doe jij dat allemaal?

De voorbije maanden was de meest gestelde vraag die ik kreeg: ‘wanneer doe je dat allemaal?’ Meestal antwoord ik dan iets in de zin van dat ik weinig slaap. Dat laatste klopt, maar de voorbije dagen kreeg ik de vraag zo vaak dat ik toch ga proberen een langer antwoord neer te pennen als een ietwat aparte blogpost. Ik wil je nu al waarschuwen, het wordt geen handleiding.

Laat ik beginnen met een bekentenis die wellicht mee een verklaring is: ik voel me vaak een enorme luierik. Ooit beschreef een pedagoog me in een training als volgt. Hij zei dat ik een luiaard ben die dolgraag wil niks doen, en daarom alles maar eerst doe om dan te kunnen rusten. Het punt is dat dit laatste zelden komt. Het gevolg is dat ik als luierik toch altijd bezig ben.

Een tweede ‘geheim’ zou kunnen zijn dat ik heel veel hulp krijg. Van de praktische kant van mijn lezingen doe ik helemaal niks. Als ik geen bureau’s zou gebruiken om de aanvragen te regelen, was Sara er niet om mijn agenda en facturen te regelen, dan zou ik nu moeten stoppen of met les geven of met onderzoek en wellicht met beide. Een andere optie zou zijn dat ik stop met lezingen geven. De kans dat ik dat laatste zou doen, is dan het grootste. Gelukkig nemen zij dus veel praktisch werk van me af zodat ik me puur met de inhoud kan bezighouden.

Voor alle duidelijkheid: ik werk niet met spookschrijvers. Heb het ooit overwogen – ik beken – maar doe het zelf te graag en blijkbaar is mijn schrijfstijl al zo eigen dat het geen optie meer is. Voor vertalingen reken ik wel op professionele hulp, natuurlijk en wel in beide richtingen. Soms schrijf ik eerst in het Engels en laat ik in Nederlands vertalen en vice versa.

Misschien het grootste geheim is wellicht het moeilijkst te geloven: de muziek. Ja, ook hier gaat er veel tijd naar toe en steeds te weinig naar mijn eigen smaak, maar de afwisseling maakt mogelijk bezig te blijven. Noem het interleaving. Tegelijk, moet ik hier wel vaak mogelijk nog efficiënter zijn dan in de rest van mijn leven. We repeteren met Blue and Broke bitter weinig, maar hebben een geweldige band die dit aankan. We nemen platen in recordtempo op door goede preproductie, iets waarin ik sowieso als producer steeds beter ben geworden. Maar mijn medemuzikanten weten ook dat ik steeds en overal werk tijdens het vele wachten als muzikant. Donderdag toen ik mee ging naar de VRT voor moral support voor Augustijn en band bij Van Gils en Gasten zat ik tussen alles door ook nog een tekst na te kijken.

Dat laatste is misschien de belangrijkste ‘truc’, ik werk altijd en overal. Het geluk van mijn soort werk is dat ik overal via mijn telefoon onderzoek kan lezen terwijl ik wacht (yep, tot aan de wachtrij in de supermarkt toe) en dat ik op elke treinrit zit te werken aan lessen, artikels of taken. De plek waar ik ironisch genoeg de laatste tijd het minste werk is thuis, toch zeker in de piekuren die elk gezin kent. De opmerking over slaap klopt daarbij wel, ik sta nog steeds vroeg op, meestal lang voor de rest van het gezin. Mijn meest productieve uren zijn vaak voor 7u ’s ochtends.

Schieten er ook dingen bij in? Ja. Familieleven niet echt, sociaal leven, toch wel. Dat is gewoon zonde. En verder, behalve de programma’s die we samen met het gezin bekijken (Lichaam van Coppens en sinds deze week Team Scheire) of die we samen met ons tweetjes bekijken (Modern Family en af en toe een Britse reeks), staat de digicorder vol met dingen die ik ooit wil bekijken en dan toch moet afvegen omdat er plaats vrijgemaakt moet worden. En ook ik heb last van Tsundoku, de stapel met ongelezen boeken naast mijn bed, waarbij professioneel relevante boeken steeds de meer plezierige boeken voorsteken.