De verwoestende verantwoordelijkheid van een enkeling of een paar enkelingen

Het was een tijdje na het uitbreken van het schandaal rond Sihame El Kaouakibi. Ik sprak met een andere sociale ondernemer die klaagde dat hij merkte hoe mensen hem nu minder geloofden. Het stak hem erg dat de gedrag van die enkeling heel erg afstraalde op de hele sector.

Het is een mechanisme dat we vaak zien. Van de rellen in Brussel die afstralen op een hele bevolkingsgroep over de schandalen in de kinderdagverblijven tot de verhalen die recent opdoken over onderwijs. Behalve de directe slachtoffers, leidt een hele groep mensen ongewild en onterecht gezichtsverlies. Die enkelingen hebben een verwoestende verantwoordelijkheid, maar het is een illusie te denken dat dergelijke daders ooit helemaal zullen verdwijnen. Laten we dus ook naar de perceptiekant kijken.

Het is wellicht iets menselijks, maar hoe ga je met dergelijke beeldvorming om? Misschien door ook de mooie voorbeelden genoeg te tonen? Misschien maar slecht nieuws verkoopt nu eenmaal meer (online) kranten en mooie voorbeelden gaan fout als ze net gezien worden als een uitzondering, waardoor ze een negatief beeld kunnen versterken.

Misschien kan net het gewone, “het leven zoals het is”, hier een meest gezonde tegenstem zijn.

Of gewoon wij als publiek die beseffen dat negatief nieuws vaak toch wel een uitzondering is, dat kan ook.

Trieste grafiek van de dag: mentale problemen dreigen voor 1 op 4 17 tot 19-jarigen in de UK

Dat het vaker voorkomt bij kinderen uit gezinnen die het moeilijker hebben, mag niet verbazen. Maar de evolutie bij de groep tussen 17 en 19 jaar, die is enorm:

Percentage of children and young people with a probably mental health disorder

Lees meer hier bij de BBC!

Nieuw rapport: “Zet menselijkheid voorop bij digitalisering in het onderwijs”

Deze week verscheen een nieuw rapport van Kennisnet:

Met de publicatie ‘Zet menselijkheid voorop bij digitalisering in het onderwijs’ wil Kennisnet helderheid bieden over de rol van digitalisering bij de ontwikkeling van menselijkheid: wanneer leidt het tot verschraling en hoe kan het menselijkheid juist versterken?

Wat is menselijkheid dan wel?

In de publicatie Zet menselijkheid voorop bij digitalisering in het onderwijs onderscheiden we drie kenmerken van menselijkheid. Per kenmerk benoemen we de toepassing in onderwijs, de rol van ict, reflectievragen en geven we tips.

  1. Mensen zijn denkers
    Voor het ontwikkelen van leerlingen en studenten tot zelfstandige denkers is reflectie en dialoog nodig. Leraren kunnen dit stimuleren door op het juiste moment het leerproces te onderbreken. Ict kan deze rol niet overnemen, maar wel helpen om zelfreflectie te faciliteren of dialoog met betrokkenen van buiten mogelijk maken.
  2. Mensen zijn sociale wezens
    Het sociale aspect van menselijkheid in onderwijs komt tot uitdrukking in de voorbeeldfunctie van leraren, het leren in groepsverband en het nemen en dragen van verantwoordelijkheid door leerlingen en studenten. Ict kan sociale verbinding faciliteren, maar is niet geschikt als vervanger voor sociale functies in onderwijs.
  3. Mensen hebben verbeeldingskracht
    Het ontwikkelen van verbeeldingskracht komt in het onderwijs aan de orde bij het leren beheersen van taal en technologie, het begrijpen van verhalen en media-uitingen en het zelf creëren bij kunst- of maakonderwijs. Daarom kan de ontwikkeling van dit kenmerk nauwelijks zonder inzet van technologie, of dat nu ict of een andere vorm van technologie is.

Lees hier het volledige rapport!

Zo ziet werken in de metaverse eruit (maar wie heeft er zin in?) (Linda Duits)

Deze blogpost verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Hybride werken is sinds de coronapandemie gemeengoed geworden. Videobellen is niet prettig, maar online vergaderen is in sommige gevallen gewoon efficiënter, zeker als de gewenste deelnemers zich in verschillende landen bevinden. Microsoft en Meta zien daarom grote kansen voor bedrijven in hun metaverse. In de virtuele wereld kunnen werknemers elkaar ontmoeten op een meer ‘immersieve’ manier.

Het ‘mixed’-reality platform van Microsoft heet Mesh. Je kunt daar jezelf als hologram laten verschijnen, waardoor interactie echt voelt alsof je er bent, belooft de website. Die van Meta heet Horizon Workrooms en daar word je onder andere spatial audio beloofd, wat inhoudt dat je hoort uit welke richting iemand praat. Voor beide platforms geldt dat ze toegankelijk zijn via een gewone computer, maar dat je voor de volledige VR-ervaring wel een VR-bril nodig hebt.

Mesh

Dat laatste is niet nodig voor SoWork, een online omgeving waar mensen hun avatars kunnen laten samenwerken. De wereld ziet er heel game-achtig uit, wat niet ontoevallig is omdat de bedenkers elkaar kennen uit World of Warcraft. In die game werken spelers natuurlijk ook samen. SoWork ziet zichzelf als een “massively multiplayer, social, online workplace ..  to power the new world of work”. Ze leggen sterk de nadruk op goed werken op afstand is voor het milieu. Handig: teams van minder dan tien mensen mogen gratis.

SoWork

Ook in de fysieke wereld zijn er innovaties. Tonari maakt een soort deuren tussen kantoren: grote interactieve schermen die tegen een muur staan. Daardoor lijkt het alsof de mensen op het scherm, die je op ware grote ziet, bij jou in de kamer zijn. Het ziet er heel tof uit, check vooral ook de website.

Tonari

Als je deze bedrijven moet geloven wordt het geweldig leuk om te werken in de metaverse. Maar zitten mensen daar ook echt op te wachten? Op The Verge verscheen onlangs een artikel over het gebrek aan animo onder werknemers van – of all places – Meta. Iemand lekte memo’s aan The Verge waaruit zou blijken dat zelfs het team dat Horizon aan het bouwen is, de virtuele wereld niet gebruikt. Uit de memo’s:

“Everyone in this organization should make it their mission to fall in love with Horizon Worlds. You can’t do that without using it. Get in there. Organize times to do it with your colleagues or friends, in both internal builds but also the public build so you can interact with our community”.

Managers worden nu verplicht hun teams minimaal eens per week te laten samenkomen in Horizon.

Deze hype cycle voor onderwijs lijkt me behoorlijk leeg

Elk jaar publiceert Gartner verschillende hype cycles, waaronder ook een voor (leerplicht)onderwijs. Deze dook onlangs op mijn tijdlijn op. Er zijn heel veel bedenkingen te maken bij de hype cycle, maar deze keer viel me een ding op: hoe relatief leeg het was. Het aantal technologieën die ons zouden staan te wachten is relatief beperkt. Oja, volgens de experts van Gartner zijn AI en analytics al op hun terugweg op de hype cycle… (ook leuk voer voor discussie). De Metaverse – of ook wel second second life genoemd – staat opvallend ook nog op lange tijd ingesteld, iets waar Meta wellicht het niet mee eens is.

Je kan jezelf de vraag stellen: is volgens Gartner de tijd van grote technologische vernieuwingen in het onderwijs een beetje voorbij als je dit zo bekijkt?

Enkele opvallende cijfers uit uitstekend overzichtsstudie: Impact van de coronamaatregelen op kinderen, jongeren en jongvolwassenen

KeKi, het Kenniscentrum Kinderrechten, en het Jeugdonderzoeksplatform (JOP) hebben deze maand een prima overzichtsstudie gepubliceerd over hoe kinderen, jongeren en jongvolwassenen geraakt werden door de coronamaatregelen tijdens de pandemie tot nu toe.

Het sterke van dit overzichtswerk is dat ze naast aanbevelingen ook aangeven wat we wel én wat we nog niet weten bij gebrek aan informatie. Ik deel hieronder enkele opvallende cijfers die ik ook al op Twitter deelde, maar ik raad vooral aan het volledige rapport te lezen.

Lees verder

Hoe jongeren tijd beleefden tijdens corona (Linda Duits)

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

De coronaperiode – om hem zo maar even te noemen – is voor veel mensen een blur. Mede dankzij een gebrek aan rituele markeringen, zoals het vieren van verjaar- en feestdagen, is het lastig je te herinneren wat er ook alweer gebeurde tijdens welke lockdown. Daarnaast hebben veel levens op pauze gestaan, in de ontwikkeling van relaties en vriendschappen bijvoorbeeld. Vooral voor jonge mensen was dat aangrijpend.

Methode
Een recente studie [open access] brengt tieners’ belevenis van tijd tijdens de eerste lockdown in kaart. Jongerenonderzoeker Ann-Charlotte Palmgren analyseerde de openbare dagboeken van 34 Fins-Zweedse jongeren tussen de 13 en 16 jaar, toentertijd gepubliceerd in een landelijke krant.

Beleving van tijd, stelt Palmgren, is relevant om te bestuderen omdat het de voorwaarden schept waaronder jongeren leven. Ze voerde een discoursanalyse uit op het bestaande materiaal, zonder aanvullende interviews.

De klok en structuur
Een schooldag is temporeel gestructureerd, lessen beginnen op standaardtijden en een dag is opgedeeld door pauzes. De structuur van school viel nu weg: vijf minuten voor de eerste les opstaan was geen probleem als je alleen van bed naar bureau hoeft. De leerlingen markeerden hun ‘schooltijden’ met kloktijden (‘zo laat deed ik biologie’).

Daarbij viel op dat de jongeren nauwelijks pauze hadden tussen de online lessen door. Ook viel op dat ze bij het bespreken van hun vrije tijd, dus na de lessen, zelden verwezen naar kloktijd, maar vagere aanduidingen schreven als ‘de rest van de middag’. Palmgren stelt daarom: “Time outside of learning seldom consist of clock time”.

Normaliteit en de toekomst
We delen tijd op werk- en weekenddagen, maanden en seizoenen. Die werden anders beleefd tijdens de lockdown: “Again, a day during the corona pandemic, but it is nevertheless Friday”, schreef een van de leerlingen. Veel leerlingen probeerden een dagelijkse routine te onderhouden, bijvoorbeeld door iedere dag op hetzelfde tijdstip te gaan sporten. Die routines droegen bij aan een gevoel van normaliteit tijdens “completely unthinkable situations”.

Uit veel fragmenten spreekt hoop en verlangen voor en naar een betere toekomst: dat de scholen weer open gaan, dat vrienden weer gezien kunnen worden. Die toekomst is echter ook een verlangen naar vroeger: naar dat het weer wordt zoals voor corona, naar dat het weer normaal wordt. Dat is bijzonder voor tieners, die normaal gesproken vooral gericht zijn op de toekomst. Maar de ongekende toekomst is ongewenst, terwijl het gekende verleden troost biedt.

Ritme en stilstand
De coronatijd was een periode die gezien kan worden als zowel versnellend en vertragend in vergelijking met de periode daarvoor. De leerlingen ervaarden steeds op dezelfde plek zijn (thuis) als traag en saai. In Finland werd iedereen, vooral in die eerste periode, aangespoord niet te luieren. De leerlingen maken (mede) daarom melding van het leren van recepten, het proberen van nieuwe hobby’s, het vinden van nieuwe wandelroutes. Ook gaven ze aan geen tijd te verspillen omdat ze quality-time doorbrachten met hun familie.

Er was minder druk, terwijl ze tegelijk er ook het meeste van maakten: “It was a stunning and calm day, at the same time as I felt productive”. Traagheid werd ook gewaardeerd, het gevoel dat de tijd stil stond kan ook positief zijn: “I think that corona ‘stopped time’. I have had time for small things that I usually do not have time for in pacey everyday life”. Eindelijk viel het ritme van zo’n individu samen met het ritme van de samenleving.

Implicaties
De tijdsbeleving van deze tieners was dus complex. Palmgren schreef dit artikel een jaar later dan de eerste lockdown, dus terwijl de coronaperiode met af en aan lockdowns nog voortduurde. Toen weer eruit kwamen, of leken te komen, werden we opnieuw in een crisis gestort: de aanval van Rusland op Oekraïne. Daarnaast zijn bestaande crises urgenter geworden. In Nederland is dat naast klimaat en inflatie ook nog eens wonen en asiel. De ongekende toekomst blijft dus ongewenst, en dat is geen prettige omstandigheid als toekomstgerichte tiener.

Deze week werd uit een peiling van EenVandaag duidelijk dat de mentale gezondheid van Nederlandse jongeren sinds corona nauwelijks verbeterd is. Al deze crises vallen hen zwaar. Uit de open antwoorden spreekt onzekerheid over de toekomst, die zich uit in stress en somberheid: “het alsof er geen toekomst meer is, alsof de wereld binnenkort kapotgaat” schreef een van hen. Dat geeft een relevantie aan deze Finse studie: hoe jongeren de tijd beleven, lijkt van directe invloed op hun gesteldheid. Het geeft ook aan dat betere geestelijke gezondheidszorg alleen de mentale problemen niet kan wegnemen.

Beeld gemaakt met DALL-E: “a sad teenager next to a broken clock with a thunderstorm outside his house”