De effecten van filters op zelfbeeld (Linda Duits)

Deze blog verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Zoom heeft een aantal instellingen waarmee je het beeld kunt verbeteren, bijvoorbeeld door het aan te passen op weinig licht. Hartstikke handig en logisch. Nog veel handiger maar wellicht minder logisch is de mogelijkheid tot retoucheren, ‘touch up my appearance‘. Hiermee leg je een filter aan over je beeld, waardoor jouw rode vlekjes of oneffenheden minder zichtbaar zijn. Aangezien je vaak ook de hele tijd naar jezelf kijkt tijdens een zoommeeting, is het een soort prettige spiegel. Goed voor mijn zelfvertrouwen dus.

Deze filters bestaan al een tijdje op apps die gericht zijn op beeld delen. Snapchat is er groot mee geworden: maak een selfie en gooi er een filter overheen zodat je hondenoren krijgt, of op een Japans Harajuku-meisje lijkt. Gebruikers van deze apps zijn ondertussen gewend aan filters, we weten dat selfies opgepoetst worden, dat het geen spontane kiekjes zijn. Toch zijn er veel zorgen over de effecten van filters op het zelfbeeld en dan met name op dat van meisjes – zoals vrijwel altijd worden jongens van zulke zorgen uitgesloten, wat onterecht is.

Genderscheidslijn
Grappige overlays en retoucheerfilters zijn vormen van augmented reality: de ‘echte’ wereld wordt op scherm versterkt. Je zou ook kunnen zeggen: verstoord. Net zoals je niet echt hondenoren hebt, heb ik geen onberispelijke huid. Wat voor effecten hebben deze filters op zelfbeeld? Zijn ze schadelijk? Onderzoekers hebben daar nog geen antwoord op. Het lastige daarbij is de wijdverbreid van apps als Instagram en TikTok. Vrijwel alle jongeren gebruiken ze, dus is er geen controlegroep. Je kunt ze ook niet makkelijk vergelijken met tieners vroeger die deze apps en filters niet hadden.

Een recente studie [open access] onderzocht de opvattingen van Britse kinderen van 10-11 over sociale media. Ze werden ondervraagd in focusgroepen, die het mogelijk maken respondenten opdrachten te laten doen. Eén van die opdrachten ging over filters, andere over het gebruik van emoji en profielen. De resultaten tonen twee redenen voor het gebruik van filters, met een duidelijke genderscheidslijn. Jongens vinden het leuk om grappige filters te gebruiken, met dieren of die uiterlijke kenmerken overdrijven. Het merendeel van de meisjes zag in deze filters een manier om je uiterlijk te verbeteren. Daarbij zagen ze verbanden tussen er goed uit zien en populariteit.

Gevaarlijk of hoopvol
Deze kinderen waren zeer mediawijs over sociale netwerken, hoewel ze te jong waren om officieel op Insta en Snapchat te mogen. Zo waren ze uitgebreid gewaarschuwd voor de gevaren: catfishing (mensen die zich voordoen als iemand anders), pedofielen, stalkers, cyberbullying. Ze hadden ook ideeën over de emotionele risico’s van je bevinden in een omgeving die draait om likes en je van je beste kant te laten moeten zien.

Hoe je deze inzichten interpreteert hangt mede af van je perspectief op kinderen en jongeren. Zie je ze als kwetsbaar, dan kan je de studie zien als bewijs voor zorgelijke effecten op zelfbeeld. Zie je ze als weerbaar, dan stemt het hoopvol dat ze nu al zo mediawijs zijn en goed doorzien dat foto’s geen weergave van de werkelijkheid zijn. Uiteindelijk hangt dit, zoals altijd met media-effecten, af van individuele mediagebruikers. Sommigen zijn kwetsbaarder, anderen het tegenovergestelde. En zoals altijd is de wijze raad: praat met je kinderen – als je die hebt. Hoe gebruiken ze filters? Hoe kijken ze ernaar? Wat vinden ze ervan?

Daarbij kan het geen kwaad ook volwassenen te bevragen. Hoe bewust zijn zij zich van het gebruik van filters, bijvoorbeeld in zoomsessies? Wat doet zo’n laagje virtuele make-up met hun zelfbeeld? Want laten we niet vergeten dat we een lange geschiedenis hebben van het oppoetsen van ons uiterlijk, en ja, die geschiedenis is eveneens gendered. Star

Waarom mensen nog papieren kranten lezen (Linda Duits)

Deze blogpost verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Een probleem met media- en communicatiewetenschap is dat onderzoekers media te belangrijk maken. Als je media centraal stelt in je onderzoeksvraag, ga je een belang van media vinden. Dat was een van de redenen waarom ik in mijn proefschrift etnografisch onderzoek heb gedaan: door heel veel tijd in de klas met meisjes door te brengen, kon ik ook zien hoe onbelangrijk media (soms) voor ze waren [abstract]. Uit een recent onderzoek [abstract] naar het alledaags gebruik van papieren kranten komt eenzelfde desillusionerend beeld: sommige mensen kopen simpelweg krant om er de haard mee te kunnen aanmaken.

Het onderzoeksteam nam 488 semigestructureerde interviews af in Argentinië, Finland, Israël, Japan en de VS. Hun benadering was expliciet om media niet te centreren. Uit de interviews komen drie mechanismen naar voren die de verwevenheid van media in het alledaagse leven laten zien.

1. Toegang
Hoe mensen aan de krant komen verschilt duidelijk per land. In Israël is er een cultuur van gratis, in Japan van dagelijkse abonnementen. Daarnaast worden kranten gelezen in koffietentjes en restaurants, soms heel doelbewust, soms simpelweg omdat er een krant ligt. Gewoonte speelt duidelijk een rol:

“I still receive the New York Times and [the ChicagoTribune paper copies at home so I did a little glance through those. (. . .) I don’t spend as much time reading the paper . . . as I would like to, even though I still can’t imagine not getting a paper in the morning.” – Karen (53), Chicago

2. Sociaal verkeer [Sociality]
Een tweede mechanisme dat het gebruik van papieren kranten stuurt is sociality, wat je hier zou kunnen vertalen als sociaal verkeer of gezelligheid. Het lezen van de krant is vaak een sociale gebeurtenis. Leden van een huishouden geven delen van de krant aan elkaar door, en dan vaak van oud naar jong (ouders naar kinderen) of van man naar vrouw.

I used to live in a commune, and we shared the costs of the subscription back then. We had the national newspaper every day, and it was so lovely to read it with roommates for a long time, share its sections and discuss its articles. But now when I live alone I don’t know why I would subscribe to it. It was such a social thing. It was lovely. I enjoyed it an awful lot and I do miss it sometimes, but I know that if I don’t live with five people it won’t happen. Luna (29), Finland

Voor andere lezers is de papieren krant juist een momentje voor jezelf, bijvoorbeeld ‘s ochtends bij de koffie in een cafeetje. Ook wordt de krant gelezen om verveling te doorbreken in je eentje, als je in de bus zit of op de wc. De weekendkrant nodigt bijzonder uit tot dit mechanisme.

3. Rituelen
Vooral voor de oudere lezers is de papieren krant een geritualiseerde praktijk. Het lezen is een gewoonte geworden, soms zelf een doel op zichzelf. De krant draait dan niet langer om de inhoud, om het geïnformeerd worden, maar om de handeling. Bij het ontbijt naast een croissantje, in de trein en dan op de juiste manier handig vouwen:

Nowadays, few people read the newspaper on the train. But I still read it on the train by folding it like this and this [makes a hand gesture]. Especially, reading a newspaper in a crowded train requires a special skill. You should fold it like this. If the train gets more crowded, I will fold it even smaller. I learned this “technique” because if I read it open like this, you would annoy many people.” Mari (74), Japan.

Mensen vinden het vervelend als dit ritueel wegvalt, als ze hun loopje naar de kiosk niet hebben bijvoorbeeld. Veel respondenten wijzen op het gemak van de papieren krant, de rust en het plezier die het lezen biedt. En tot slot is er nog de waarde van de krant als brandbaar papier:

“I buy one on Sunday, which is big, [and] has a lot of pages to then start up the fire for the barbecue. Or wrap a plant that my wife gifts as a present when someone visits us.” José (70), Argentinië

Implicaties 
Een krant openvouwen betekent hem verweven met het alledaagse leven. De leespraktijken hebben weinig te maken met de inhoud van het nieuws, iets dat voor journalisten vast niet leuk is om te horen. Het is banaal gebruik, dat tegelijkertijd heel betekenisvol is. Deze mechanismen laten zien hoe hardnekkig mediagebruik is, hoe ingesleten het raakt en hoe onveranderlijk. Het verklaart waarom er nog steeds kranten verkocht worden, wat tegelijkertijd een waarschuwing inhoudt: jonge mensen ontwikkelen hun eigen mediarituelen.

Net zoals we een verschuiving zien van realtime televisiekijken naar digitaal, on-demand kijken, veranderen de rituelen van kranten lezen dankzij de komst van digitaal. Jonge mensen geven wellicht elkaar niet de verschillende katernen door, maar delen via hun telefoon of laptop artikelen die ze interessant vinden. Ook digitaal lezen is immers net zozeer een geritualiseerde praktijk (aan het worden).

De ‘tele-alles’-wereld: het nieuwe normaal in 2025 volgens tech-experts (Linda Duits)

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl.

Pew Internet vroeg een groep van bijna duizend deskundigen op het gebied van technologie, communicatie en sociale verandering naar hun ideeën over het leven in 2025. Hun verwachting is, niet verrassend, dat onze band met technologie nog dieper zal worden. We gaan naar een ‘tele-alles’-wereld, en dat slecht nieuws. We gaan steeds meer steunen op digitale verbindingen voor werk, onderwijs, gezondheidszorg, shoppen en sociale interactie. We zullen ons minder in de (fysieke) publieke ruimte begeven, onder andere omdat we dat digitaal gemakkelijk vinden. Zowel onze beste als slechtste kanten zullen daardoor versterkt worden.

Uit de antwoorden komen zes thema’s naar voren, drie negatief en drie positief:

1. Economische ongelijkheid zal toenemen
Mensen met goede verbindingen en digitale vaardigheden komen verder voor te liggen op mensen die die niet hebben, terwijl technologische veranderingen er ook nog eens voor zorgen dat banen verdwijnen.

2. De macht van big-tech wordt groter
Deze bedrijven buiten hun marktvoordeel uit en kunstmatige intelligentie zal de privacy en autonomie van hun gebruikers verder aantasten.

3. De verspreiding van desinformatie vermenigvuldigt
Gepolariseerde bevolkingen bevechten elkaar in informatie-oorlogen. Veel respondenten noemen als grootste angst de manipulatie van de publieke perceptie: “lies and hate speech deliberately weaponized in order to propagate destructive biases and fears”.

4. Hervormingen op het gebied van raciale en sociale gelijkheid gaan van start
Er komt meer steun en daarmee meer beleidsaandacht voor kritiek op ongelijkheden en het kapitalisme.

5. De kwaliteit van leven zal verbeteren
Dankzij meer flexibele manieren van werken wordt het leven voor veel families fijner.

6. Slimmere, veiligere en productievere levens worden mogelijk
Virtual en augmented reality bieden ‘smart systems’ op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs en gedeeld wonen.

De antwoorden geven in inkijkje in hoe deze experts denken over trends, en gezien hun achtergrond is het logisch dat ze de nadruk leggen op technologie. Het betreft een kwalitatief onderzoek en de antwoorden zijn fijn om doorheen te scrollen. Het gaat om “ondenkbare schaal” en “exponentiele processen”, er worden zaken voorzien als een “Internet of Medical Things” en “hologram avatars”, “personalized schooling menus” en “tele-justice”. Wat citaten:

“Privacy was always a luxury in the past – only the rich enjoyed it. Then it spread to a large fraction of the population in the West. Now it is receding again, in a way that mirrors the rise in inequality and the inevitable fall in civil liberties. The poor never have privacy.” Marcel Fafchamps, hoogleraar economie Stanford University

 

“There will be those who got sick and never fully recovered. There will be those who lost their jobs and precarity turned to poverty fast. But there will also be mothers whose careers took a left turn after multiple years of trying to be a stay-at-home parent plus a teacher while working at home. There will be so many people who will be facing tremendous post-traumatic stress disorder as they struggle to make sense of the domestic violence they experienced during the pandemic, the loss of family and friends and the tremendous amount of uncertainty that surrounded every decision.” danah boyd, onderzoeker bij Microsoft

 

“Climate change, invasive corporatized technologies and increasing economic precarity will all combine to give rise to a far more paranoid society in 2025 than we had at the start of 2020. In some ways, widespread fear and anxiety will have positive results, as people will be more environmentally conscious than ever before and will engage en masse in efforts to regulate corporate resource extraction and pollution, and will show a collective willingness to adopt less environmentally harmful lifestyles.” Abigail De Kosnik, Universitair Hoofddocent Nieuwe Media, University of California Berkeley

Wat zijn die NFT’s waar je de komende tijd wellicht meer over zal horen?

Gisteren had ik het er al over in mijn lectuur op zaterdag, maar ik merkte dat er echt wel iets aan het bewegen is. Wellicht zoeken sommige mensen iets nieuws of iets naast bitcoin. Dus zocht ik een goede uitleg-video over NFT’s, want als je online naar uitleg begint te zoeken, is het niet altijd even helder uitgelegd. Of krijg je veel reclame te verwerken

Deze video is behoorlijk helder:

Single jongeren kiezen voor coronaseksbuddy’s tijdens lockdowns (Linda Duits)

Deze blogpost verscheen eerder op dieponderzoek.nl.

Kenniscentrum Rutgers en Soa Aids Nederland doen onderzoek naar de seksuele gedragingen van jongeren. Dat deden ze tijdens de eerste lockdown, en vandaag zijn de resultaten gepubliceerd [samenvattingeindrapport] van hun onderzoek naar de tweede lockdown. Het gaat om de periode 11 december 2020 – 4 januari 2021, toen het voortgezet onderwijs opnieuw dicht was. Universiteiten geven al sinds de eerste lockdown hun onderwijs vrijwel volledig online. Er zijn ook vragen gesteld over de zomer, wat natuurlijk een periode van versoepeling was. De onderzoeken delen de jongeren in twee groepen in: 16-20 jaar (4.091 respondenten) en 21-25 jaar (n=1091). De steekproef is niet representatief.

Alarmerend is dat het mentaal niet goed gaat met jongeren. Twee derde voelt zich wel eens somber. De mentale gezondheid is blijvend verslechterd, staat in het rapport. Dit werd in de zomer niet beter en er zijn weinig verschillen tussen jongeren met en zonder partner.

Seks
De lockdowns hebben een effect op de frequentie van seks. Jongeren met een relatie hadden tijdens de eerste en tweede lockdown meer seks dan in de periode daarvoor en in de zomer. Voor singles ligt dit precies andersom. De daling tijdens de tweede lockdown was minder sterk (40 procent van de singles had seks tijdens de eerste lockdown, 52 procent tijdens de tweede). De zomer was een periode van plezier: 69 procent van de singles had toen seks, het niveau van voor de coronacrisis.

Als singles seks hebben tijdens de lockdown, is dat meestal met een coronabuddy (“seksmaatje”): 58 procent deed dat tijdens de eerste lockdown, 60 procent tijdens de tweede lockdown. Voor corona had 28 procent zo’n scharrel, tijdens de zomer 33. Dat is dus een duidelijke trend. Twintig procent van de singles had een onenightstand als laatste sekspartner. Daarnaast is er een groep die aanvankelijk een vaste partner had, maar op moment van ondervragen weer single was. Dat was 47 procent voor corona, en 20 procent tijdens de tweede lockdown. Dat zou kunnen betekenen dat er minder relaties verbroken worden.

Dating, porno en sexting
Er wordt aanzienlijk minder gedatet: tijdens de tweede lockdown had 21 procent van de jongeren een eerste date, voor corona was dit 51 procent. Er zijn dan ook veel minder mogelijkheden om iemand te ontmoeten. Scholen en universiteiten zijn dicht. Datingapps hebben nu de plek ingenomen van feestjes en uitgaan als het gaat om ontmoetingswijze: voor corona stonden die laatste op plek drie met 33 procent van de ontmoetingen, nu staan datingapps op 3 met 26 procent. Toch is het gebruik van die apps niet toegenomen. Dat komt door de mensen met een relatie: zij zijn dat minder gaan doen, onder singles is het gelijk gebleven.

Er treed geen substitutie-effect op. In de groep 21-25 jaar heeft 36 procent tenminste één keer zelf aan sexting gedaan, dit is afgenomen tijdens de tweede lockdown. Dat verschil zit vooral bij de jongeren met een relatie – misschien omdat zij vaker fysiek bij elkaar zijn. Ook singles sexten iets minder tijdens de tweede lockdown. Er zijn nauwelijks verschillen in de masturbatiefrequentie tussen de zomer en de tweede lockdown. Er wordt een heel klein beetje meer porno gekeken, zowel door singles als jongeren met een relatie.

Informatie zoeken, soa’s en abortus
Ongeveer een vijfde van de jongeren had behoefte aan informatie over seks en corona, van deze groep kon zo’n 15 procent die info niet vinden. Dit was iets beter tijdens de tweede lockdown, maar is voor Rutgers wel een aandachtspunt. Ook zorgelijk is het relatief aantal hoge jongeren dat te maken had met seksueel geweld.

Corona belemmert de toegang tot soa-zorg, omdat jongeren bijvoorbeeld banger zijn dat hun ouders erachter komen dat ze zich hebben laten testen op een soa, of omdat ze de zorg niet willen belasten. Dit daalde tijdens de tweede lockdown. Toegang tot anticonceptie gaat redelijk: vier procent van de 16-20 jarigen en acht procent van de 21-25 is hiervoor niet naar huisarts, GGD of ziekenhuis gegaan. Vijftien op de duizend meisjes zijn tijdens de tweede lockdown ongepland zwanger geweest, degenen die een abortus wilden konden allemaal direct bij een kliniek terecht.

Implicaties
Deze cijfers zijn inzichtelijk, vooral ook omdat er duidelijk periodes vergeleken kunnen worden. Toch vertellen ze niet alles: de respondenten zijn geworven via sociale media en de steekproef was niet representatief. Er zaten bijvoorbeeld meer LHBTQIA+ jongeren bij. Bovendien zijn het cijfers en die zeggen niets over hoe jongeren dit beleven. Er staat daarom aanvullend kwalitatief onderzoek gepland.

Op de website van Rutgers geeft hoofdonderzoeker Hanneke de Graaf duiding:

“De beperking van sociale contacten van jongeren legt ook hun liefdesleven stil. Jongeren hebben daarom minder mogelijkheden om te experimenteren met en te genieten van seks, terwijl dat op deze leeftijd cruciaal is. Dit is extra zorgelijk, omdat dit nu al zo lang duurt. Tegelijkertijd zien we dat het welbevinden van jongeren afneemt, wat wellicht ook te maken heeft met het gemis aan liefde en seks.”

Nieuw sociaal netwerk Clubhouse: live podcasten (gastblog Linda Duits)

Deze post verscheen eerst op dieponderzoek.nl. Overgenomen met permissie. Btw, heb zelf ook al toegang tot de app en ben er ook nog niet uit of het iets is.

Er is een nieuw sociaal netwerk dat deze week veel buzz genereerde: Clubhouse. De app bestaat al een jaar, maar kreeg eind januari een flinke kapitaalinjectie van $100 miljoen. Er waren op dat moment zo’n twee miljoen gebruikers en de waarde werd geschat op 1 miljard dollar. Vooralsnog is de app alleen beschikbaar voor de iPhone.

Het idee: gebruikers komen samen in kamers waar ze gesprekken kunnen voeren. Een deel heeft sprekersrechten, de rest luistert mee. Het is wellicht het beste te beschrijven als live podcasten. Zo luisterde ik naar wat ik een panelgesprek zou noemen met crew & cast van de serie Mocro Maffia. Je kunt de gesprekken niet opnemen en als de sessie afgelopen is, is het weg.

De app is vooralsnog invite-only, wat het een exclusief karakter geeft en wat bijdraagt aan de buzz. Het is echt een sociaal netwerk, in de zin dat je van andere gebruikers kunt zien wie zij volgen en door wie ze gevolgd worden. Je krijgt op basis van wie je volgt suggesties voor lopende en aankomende kamers, en je kunt je interesses aangeven (‘LGBTQ’, ‘podcasts’, ‘math’) of je aansluiten bij een themaclub.

Zoals altijd heerst er een beetje een hype. Omdat er nog maar weinig gebruikers zijn, kan je heel dichtbij de celebs komen die al lid zijn. En net als bij andere gehypete netwerken schijnt niemand te weten wat ze nu precies met de app aan moeten. “Het is een soort van continu voorstelrondje” zei een vriend. Dat is natuurlijk wat er gebeurt als je in een kamer zit met vreemden.

Live podcasten klinkt als interessant, maar ik heb er ook twijfels bij. Want is live podcasten niet gewoon radio? Het kenmerkende aan podcasts is dat je ze kunt luisteren wanneer jij wilt. Clubhouse is live only. Dat is erg gewaagd in een tijd waarin we alles on-demand doen. Aan de andere kant biedt liveness een niet te versmaden ‘je moet erbij zijn’-urgentie. In de app kun je je vrienden een kamer inroepen waar iets interessants gaande is. Besloten en sociaal dus, zoals een goede club.

Een aparte kostprijs van de pandemie?

Misschien herken je dit? Mensen waarvan je het nooit verwachtte, blijken op de tijdlijn op je sociale media of in gesprekken bepaalde complottheorieën aan te hangen. Hun straffe uitspraken vallen je op, terwijl je dit nooit eerder in hun zag of van hen hoorde.

Los van het feit dat je familie, vrienden en kennissen minder ziet in het echt, wat relaties sowieso onder druk kan zetten, vraag ik me af wat dergelijke situatie zal betekenen na corona. Ik las hierover al in buitenlandse media dat het fenomeen zich behoorlijk voordoet bij polariserende thema’s zoals bijvoorbeeld de laatste verkiezingen in de VS en natuurlijk dus ook de pandemie. Je vindt legio tips om hier mee om te gaan.

Het is perfect mogelijk dat alles dan weer koelt zonder blazen, maar toch kan ik me inbeelden dat er tijdens deze periode wonden geslagen werden hierdoor die relaties verlegd hebben.