“Status leerkrachten is vergelijkbaar met sociale werkers” en meer over aanzien leerkrachten wereldwijd.

Het klinkt misschien raar, maar het is een quote uit het nieuwe 2013 Global Teacher Status Index rapport. In dit rapport wordt gekeken naar de status van het beroep van leerkracht in 21 landen. Gemiddeld blijkt die status overeen te komen met dat van sociale werker.

De verschillende elementen die volgens het rapport deel uitmaken van de status van leerkracht zijn de volgende vragen:

  • How teachers are respected in relation to other professions
  • The social standing of teachers
  • Whether parents would encourage their children to be teachers
  • Whether it is perceived that children respect their teachers
  • What people think teachers ought to be paid
  • Whether people think teachers ought to be paid according to the performance of their pupils
  • The degree to which people trust their education system
  • How much teachers are trusted to deliver a good education to our children
  • Whether teachers unions have too much power.

Ik heb onmiddellijk een paar bedenkingen bij dit lijstje omdat er een zeker standpunt uit lijkt te spreken over vakbonden en het ‘zombie idea’ ‘merit pay’, betalen naar prestaties van leerlingen. Dit is echter een element in hoe er naar leerkrachten gekeken wordt (merit pay als teken van minder status bijvoorbeeld).

Maar wat schrijft het rapport er zelf over?

Rather than raising teachers’ wages in the hope of producing higher learning outcomes, many have asked whether teacher pay should be subject to the achievement of their pupils. In order to establish public opinion on this, we asked our participants whether they thought that teachers ought to be paid performance-related pay. In all 21 countries more than 59% stated teachers ought to be paid according to the performance of their pupils. The average across countries was 75%, whilst In Egypt, the figure was over 90%, and in Israel, China, Brazil and New Zealand the figure was over 80%.

Uit het project blijkt dat er geen link bestaat tussen pro merit-pay zijn en respect voor leerkrachten en dat er dus veel mensen pro zijn. En dan denk ik dus: jammer, zeer jammer.

Als we kijken naar het vertrouwen in leerkrachten scoren de 21 landen gemiddeld 6.3 op 10 en geen enkel land scoort lager dan 5. Finland en Brazilië scoren het hoogst, Japan, Israël, Zuid-Korea en Egypte het laagst. Opvallend met 5.6 blijkt het vertrouwen in het onderwijs als geheel een stuk lager te liggen. 7 landen, waaronder Engeland, scoren hun onderwijs lager dan 5.

Toch wil dit niet noodzakelijk betekenen dat leerkrachten in Finland de beste status hebben. Andere factoren beïnvloeden het eindcijfer en daardoor scoort Finland qua status voor leerkrachten behoorlijk slecht onder andere door lager loon en weinig ouders die hun kinderen aan zouden zetten tot het beroep van leerkracht. Ook wil 80% merit pay.

De Nederlandse Nationale onderwijsgids zet alles op een rijtje, check hun pagina voor ook een overzicht voor Nederland:

  1. In alle 21 onderzochte landen is er veel steun voor het idee om leraren te betalen op basis van de resultaten van hun leerlingen. In alle landen waren meer dan 59% van de mensen voor een prestatiegerelateerde beloning.
  2. Tweederde van de landen vinden dat de beroepsstatus van leraren het meest overeenkomt met die van maatschappelijk werkers. In de Verenigde Staten, Brazilië, Frankrijk en Turkije vinden de mensen echter dat leraren nog het meest op bibliotheekmedewerkers lijken. En alleen in China vergelijken de mensen leraren met artsen.
  3. Er zijn grote verschillen tussen de onderzochte landen omtrent de vraag of ouders hun kinderen aan zouden moedigen om leraar te worden. Terwijl vijftig procent van de ouders in China dit zouden aanmoedigen, geldt dit slechts voor acht procent van de ondervraagden in Israël. Over het algemeen geldt, dat in landen waar leraren in hoger aanzien staan, men zijn kinderen ook eerder aanraadt om dit beroep te kiezen.
  4. In heel Europa is men pessimistischer over het respect van de leerlingen voor leraren dan in Azië en het Midden-Oosten. In de meeste Europese landen waar het onderzoek is uitgevoerd, was het percentage respondenten dat negatief dacht over het respect van kinderen voor leraren hoger, dan het percentage dat hier positief over dacht. Heel anders dan in China, waar 75% van de respondenten dachten dat scholieren leraren wel respecteren.
  5. Het vertrouwen dat men heeft in leraren was in alle landen voldoende tot goed. Het gemiddelde punt voor het vertrouwen dat men in leraren heeft, was een 6.3 en in geen enkel land gaf men minder dan een 5 (op een schaal van 10 mogelijke punten). In Finland en Brazilië heeft men het meeste vertrouwen in zijn leraren en het minste vertrouwen in leraren heeft men in Israël, Zuid-Korea, Egypte en Japan. Er blijkt geen statistisch verband te bestaan tussen hoe goed een onderwijssysteem scoort volgens de PISA-studie en hoeveel vertrouwen de bevolking in zijn leraren heeft.
  6. In de 21 deelnemende landen waren de meningen verdeeld ten aanzien van de invloed van onderwijsbonden op de beloning en de arbeidsvoorwaarden van leraren. In het Verenigd Koninkrijk en in veel Europese landen zijn er meer mensen voor een grotere invloed van de bonden op de betaling en de arbeidsvoorwaarden dan mensen die vinden dat deze minder invloed zouden moeten hebben. In landen waar de laatste jaren veel protesten van het onderwijzend personeel hebben plaatsgevonden – zoals in Japan, Griekenland, Frankrijk en de Verenigde Staten – vindt echter het grootste gedeelte van de mensen dat onderwijsbonden teveel invloed hebben.
  7. Wereldwijd zijn er aanzienlijke verschillen in de status van leraren. Er is echter geen duidelijke correlatie aan te wijzen tussen de status van leraren gemeten in deze index en de leerresultaten van studenten in een land. Wel is er een verband tussen de betaling van leraren en de leerresultaten van scholieren.

Geef een reactie