Worstelstuk: de druk van gelijke kansen?

De aanleiding van dit stuk zijn niet de hervormingen van het Vlaamse secundair onderwijs. Het is eerder het gevolg van een boek van Jan Masschelein en Maarten Simons, ”De schaduwzijde van onze welwillendheid” dat ik al een hele tijd terug las, maar waar ik de voorbije weken te vaak moest aan denken. Het is een worstelstuk, omdat mijn mening nog verre van af is. Alle input is welkom!

Er is een denken geslopen in onze maatschappij dat iedereen zichzelf ten volle moet ontplooien. Het lijkt bijna ondenkbaar om hier niet mee akkoord te gaan. Het is opvallend hoe rechts en links hier vandaag te dag elkaar vinden. Zelfs als eerder sociale beleidsmensen pleiten voor gelijke kansen, zit er onmiddellijk een notie in dat de persoon die de kansen krijgt, deze ook optimaal moet gebruiken.

Ergens proef ik onderhuids een naïef geloof in de maakbare mens. Er zit meer in jou dan je denkt, en het is jouw taak om dit er uit te halen. Wij gaan je hiertoe de kansen geven, maar we gaan jou en diegene die je die kansen moet aanreiken, straffen als je het niet haalt. Als  iemand de kansen niet krijgt, dan ‘geef je die persoon op’. Je ontzegt die persoon dan die zelfontplooiing.  Iemand die de kansen niet gebruikt, is onwillig, faalt. Het eerste klopt misschien, het tweede is al minder zeker, maar…

… Door het zo als twee uitersten voor te stellen, dreigen we blind te worden voor  het belang van zorg of het gevaar van druk. Je moet zeker mensen alle kansen geven, maar de verwachtingen moeten realistisch blijven. Verwachtingen liggen dan zowel bij de maatschappij, de directe omgeving als de persoon zelf.

Wij hebben in Vlaanderen een van de hoogste zelfmoordcijfers ter wereld en we zijn grootgebruikers van medicijnen. De oorzaken hiervan zijn divers, denk maar aan de onwil die bij ons nog lijkt te bestaan om over problemen te praten.

Ik vermoed wel dat de druk die we onszelf en anderen opleggen ook een belangrijke rol speelt. Gelijke kansen worden een druk als ze te veel uitgaan van dat beeld van maakbaarheid. Dit is nog meer het geval als ze een excuus worden om zorg voorwaardelijk te maken of te beperken.

We zijn niet maakbaar, we zijn niet gelijk, we kunnen niet alles worden. We hebben allemaal talenten, maar eerlijk, sommigen hebben in totaal meer talenten dan anderen. Het kan frustreren, maar de Gauss curve vind je nu eenmaal vaak terug.

Als maatschappij moeten we aanvaarden, denk ik zelf, dat we soms mensen moeten meedragen in onze eeuwige caravaan. Zelfs als we hen verplichten om mee te lopen, zullen ze dit niet kunnen. We moeten hen laten proberen mee te lopen. We moeten hen alle kansen geven om mee te lopen, maar als het dan niet lukt, is het fout hen te verwijten dat ze niet kunnen lopen.

5 gedachten over “Worstelstuk: de druk van gelijke kansen?

  1. Ik vind dat Pedro hier een belangrijke probleem schetst. Enerzijds heb je die maakbaarheid waar we in willen geloven, anderzijds slorpen de gevolgen van dat geloof veel energie op, waar we in sommige gevallen misschien meer zouden hebben aan een zekere berusting en aanvaarding van beperkingen. Wat weer energie zou kunnen vrijmaken die weer productief kan gebruikt worden. Of is het stilaan ondenkbaar van te aanvaarden dat gelijkwaardigheid niet hetzelfde is als gelijkheid?

  2. je haalt een reële paradox naar voren, waarmee ik zelf elke dag (met mijn eigen kinderen) aan het schipperen ben: blijven kansen geven, stimuleren, oproepen, aanporren … versus rust (berusting?) vinden in feit dat je de uitkomst niet in handen hebt; althans niet de uitkomst die je zelf voor je kind, je leerling, je burgers … droomt

  3. je we hebben allemaal verschillende talenten en niet iedereen is gelijk. maar in ons huidige onderwijsbestel krijgt alleen de middenklasse en elite echt kansen. daar gaat het over. ik neem even de reactie van Mieke Van Houtte (UGent) op het stuk ‘Pleidooi voor elitarisme’ in de Tijd over:

    “Met interesse, maar groeiende verbijstering, las ik het artikel ‘Pleidooi voor elitarisme’ in De Tijd van zaterdag 26 mei. De op til zijnde hervorming wordt hier wel heel eenzijdig voorgesteld. En als je niet beter wist, zou je beginnen denken dat de slimme kinderen van hoogopgeleide ouders de kneusjes zijn van onze samenleving.
    Een eerste denkfout die al te vaak wordt gemaakt, en ook hier in dit artikel opduikt, is dat de hervorming als doel zou hebben alle kinderen zo veel mogelijk gelijk te laten presteren. Er wordt terecht gesteld dat dit belachelijk is. Iedereen weet dat niet alle kinderen gelijk zijn of dezelfde capaciteiten hebben. Dit is dan ook niet het streefdoel. Wat wel nodig is, en wat we moeten blijven nastreven, is dat alle kinderen dezelfde kansen krijgen om hun talenten te ontplooien, en ons huidige onderwijssysteem laat dat allesbehalve toe. De studiekeuze bij de overgang naar het secundair onderwijs is vandaag nog altijd sterk sociaal bepaald. Verschillende factoren, waaronder het hiërarchisch karakter van ons onderwijssysteem, zorgen ervoor dat kinderen uit ‘zwakkere’ sociaal economische groepen niet kiezen voor richtingen als Latijn en moderne omdat ze denken dat dit niets voor hen is, ook al hebben ze er wel de kwaliteiten voor, terwijl kinderen uit ‘hogere’ socioeconomische middens per definitie kiezen voor Latijn (en moderne) zonder dat ze er noodzakelijk de capaciteiten voor hebben. Technische richtingen, en bij uitbreiding ook moderne in vergelijking met Latijn, zijn een negatieve keuze. Pas wanneer een kind cognitief niet geschikt blijkt voor Latijn/moderne, en dit vaak door te falen in zo een richting moet ondervinden, wordt de optie technische overwogen. Dit afdoen als een probleem van de ouders – zoals in het artikel gebeurt – dat kan worden opgelost door een verandering van percepties, is naïef. Al jaren wordt geprobeerd tot een op/herwaardering van technische richtingen en beroepen te komen, maar zonder resultaat. Een mentaliteitswijziging zal er niet zomaar komen: een grondige structurele verandering kan een goede hefboom zijn. Dat het probleem vooral bij allochtone kinderen zit, zoals in het artikel wordt geponeerd, is pure nonsens. Ons onderzoek naar de overgang van primair naar secundair onderwijs toonde heel duidelijk aan dat het een probleem is van sociale achtergrond. Meer nog: ander onderzoek dat we voerden in het basisonderwijs heeft ons getoond dat als allochtone kinderen slechter presteren op wiskunde in het basisonderwijs, ook dit terug te voeren valt naar hun sociale achtergrond (en opleiding van de ouders) en niet naar taalachterstand. Alles blijven herleiden tot taalachterstand van allochtonen is misleiding.
    In het artikel wordt verwezen naar buitenlandse voorbeelden waar de comprehensivering negatief zou zijn uitgedraaid. Hierbij worden de landen waar het wel goed werkt, netjes buiten beschouwing gelaten. Finland is intussen een gekend voorbeeld. In Polen werd recent de stap gezet naar een brede eerste graad, en met succes. In het artikel wordt verwezen naar het Britse systeem – als voorbeeld van een mislukking – maar hierbij moet toch worden opgemerkt dat in de Britse onderwijsliteratuur ook gewezen wordt op de voordelen van een comprehensief systeem. Het is niet allemaal kommer en kwel, zoals hier wordt voorgesteld. Internationaal onderzoek toont systematisch aan dat het rigide indelen van jongeren in verschillende (hiërarchische) richtingen zeer nefaste gevolgen heeft voor de leerlingen die in de minder gewaardeerde richtingen terechtkomen. Een systeem met strikte onderwijsvormen- en richtingen zoals wij kennen, is positief voor zeer goede leerlingen (wat niet mag verbazen), negatief voor zwakkere leerlingen en maakt niet uit voor middelmatige leerlingen. We weten ook dat schoolkenmerken, en dus kenmerken van de schoolomgeving, de grootste impact hebben op de zwakkere leerlingen. Goede leerlingen doen het overal goed. En als ze dan bovendien nog eens opgroeien in kansrijke gezinnen, is er zeker geen probleem. Vandaag ontnemen we wel de kans aan goede leerlingen uit minder kansrijke gezinnen om te bloeien. En zwakke leerlingen uit kansarme gezinnen laten we al helemaal aan hun lot over. Daar wil de hervorming iets aan doen!
    Vanwaar komt het idee dat een brede eerste graad tot niveauverlaging leidt? Met dit schrikbeeld probeert men de hervorming in een negatief licht te zetten bij hoog opgeleide ouders van slimme kinderen. Maar letten we wel wezen: door het feit dat die kinderen slim zijn hebben ze een voordeel, dat bovendien versterkt wordt door de steun die ze van thuis uit krijgen. Zulke kinderen doen het overal goed en zullen altijd goed presteren. Daar zit het probleem niet. Het probleem zit bij kinderen die van thuis uit niet op die steun kunnen rekenen, hoewel ze misschien even slim zijn. Kan onze samenleving zich permitteren de talenten van deze kinderen te verliezen omdat we er niet in slagen hen mee te krijgen op school? In een breed onderwijssysteem kunnen intelligente kinderen uitgedaagd worden de stof over te brengen bij leerlingen die het moeilijker hebben. Iedereen die in het onderwijs staat, weet dat je niets zo goed onder de knie krijgt dan door het zelf over te brengen. Ook differentiatie binnen de klas laat toe kinderen uit te dagen.
    We moeten ook ophouden louter te denken in cognitieve termen. Studiekeuze is vandaag vaak nog altijd louter gebaseerd op wat een kind cognitief waard is. Als het slim genoeg is, doet het Latijn of moderne, en lukt dit niet, dan pas wordt een andere richting overwogen. Ook gegeven het tekort aan goede technici, wordt het dringend tijd dat we al in de basisschool kinderen uitgebreid laten kennis maken met techniek, zodat we kunnen nagaan wat hun talenten zijn op dat vlak. Nu hebben kinderen niet eens de kans te ontdekken of ze misschien gebeten zijn door techniek, door de eenzijdige focus op klassieke vakken als taal en wiskunde.
    Belangrijk in het licht van een pleidooi voor elitarisme is in het achterhoofd te houden dat verschillende talenten verspreid zijn over verschillende sociale lagen van de bevolking. De sociale ongelijkheid die vandaag ons onderwijs kenmerkt, is fundamenteel onrechtvaardig. En het gaat er echt niet om dat alle kinderen gelijk moeten presteren, integendeel. We moeten meer rekening houden met verschillende talenten door niet puur cognitief te evalueren, te selecteren en te differentiëren. En we moeten beseffen dat kinderen met verschillende kansen aan de start verschijnen. Of zijn er nog steeds mensen die denken dat alleen hoogopgeleide ouders getalenteerde kinderen op de wereld zetten?”

    • Bedankt voor de reactie, alhoewel het vooral de reactie van Mieke Van Houtte is. De intentie van de hervorming is zeker niet slecht, maar als je het artikel in de krant gelezen hebt, dan dreigt ze in het omgekeerde te ressorteren. Los van of het de juiste aanpak is, waar ik dringend ook nog een paar andere onderwijskundigen wil over horen, de laatste paragraaf is ronduit beangstigend.
      De geschetste scheuring is verre van ondenkbaar. Meer nog, we hebben een geschiedenis met dergelijke breuken (remember VSO en de tegenreactie), maar nu zou er de stap bijkomen naar echt privé-onderwijs. Een recent OECD-rapport gaf trouwens aan hoe privé-onderwijs wereldwijd een opmars kent. Als je ook hier kijkt welke bedragen er nu al aan bijlessen gespendeerd worden, zie je dat er wel degelijk een markt voor kan bestaan. Zelf ben ik dit helemaal niet genegen. Het is eerder een nachtmerrie, zeker niet als ik hoor welke bedragen per jaar gevraagd zouden kunnen worden. Dit is niet een dreigement van een tegenstander van de hervormingen, maar een bezorgde vaststelling van iemand die zelf nog steeds zijn positie zoekt.
      Oja, ik vind het trouwens opvallend hoe beide kanten (voor- en tegenstanders) de andere verwijten dat ze selectief bronnen gebruiken en de gebruikte bronnen van de tegenstander in twijfel trekken.

      Een ding nog, zoals ik al in de tekst aangaf, de inspiratie voor deze blogpost was niet de hervormingen van het SO. Ik hield het heel bewust vraag, maar ik geef dan dit maar mee: het had meer met het hoger onderwijs te maken.

  4. Pingback: Nieuwe ronde in het debat rond de hervorming van het secundair onderwijs « X, Y of Einstein? – De Jeugd Is Tegenwoordig

Geef een reactie