Door een interview in De Morgen op deze perstekst van Awel gestoten. In het artikel in De Morgen (dat niet online staat) blijkt dat er heel veel kinderen bellen omdat ze het gevoel hebben dat ze niet terecht kunnen bij mama en papa omdat deze zo druk bezig zijn met werk en hobby’s.
In de gesprekken met Awel over de relatie tot de ouders blijkt dat het vaak gaat over de betrouwbaarheid, beschikbaarheid en betrokkenheid van ouders, kortweg hechting.
Kinderen en jongeren raken daarbij het thema ‘ruzie tussen –al dan niet gescheiden- ouders’ aan als één van de belangrijkste stressoren. Ook de copingstrategieën die kinderen en jongeren hanteren om hiermee om te gaan, blijken weinig effectief. Awel tracht hierop in te spelen en lanceert een online tool ‘Hoe praat ik met mijn ouders’.
In 2012 registreerde Awel 3401 gesprekken over ‘de relatie tot de ouders’, meteen goed voor een 1ste plaats in de top 10 van gespreksonderwerpen bij Awel. Hoog tijd voor Awel om deze gesprekken nader te bestuderen. En dat deed ze aan de hand van een kwalitatieve analyse.
De analyse richtte zich op drie vragen:
1) Hoe beleven kinderen en jongeren de relatie tot hun ouders?
2) Hoe gaan jongeren om met stressoren in de relatie tot hun ouders?
3) Wat verwachten de jongeren van Awel?
Uit het antwoord op de eerste onderzoeksvraag blijkt dat thema’s als betrouwbaarheid, beschikbaarheid en betrokkenheid van de ouders in de gesprekken met Awel veel vaker aan bod komen dan thema’s als grenzen stellen en het zich losmaken van de ouders. Kinderen en jongeren raken daarbij het thema ‘ruzie tussen –al dan niet gescheiden- ouders’ aan als één van de belangrijkste stressoren. De aanwezigheid van veel conflict heeft een negatieve invloed op de levenskwaliteit van jongeren. En net vanuit die draaglast komen vele kinderen en jongeren aankloppen bij Awel.
Pingback: Wat als we deze 2 berichten over ouders en kinderen combineren? | X, Y of Einstein?