Dit is een blogpost waar ik al een hele tijd op zit te broeden. Nu de discussie rond de hervorming van het secundair onderwijs losbarst, wil ik graag uitleggen waarom ik niet graag in de plaats van minister Smet zou zijn.
Het is in feite niet echt een catch 22, maar ik zie toch 2 mogelijke scenario’s die beide niet echt leuk lijken.
Is het dan kiezen tussen pest en cholera? Het kan in eerste instantie zo lijken.
Optie 1 komt dicht in de buurt van wat Bieke De Fraine gisteren in het Nieuwsblad beschreef. Stel je voor dat de hervorming slechts oppervlakkig dingen verandert. ASO, TSO, BSO wordt afgeschaft, maar de nieuwe labels vervangen gewoon de oude labels. In de praktijk verandert er dan niets. Dit is niet ondenkbaar. Terwijl nu veel mensen vol afschuw reageren op een algemene eerste graad in het secundair onderwijs, was deze in feite al lang de bedoeling van het huidige eenheidstype. De verschillende onderwijsniveaus zouden normaal gezien pas vanaf de tweede graad mogen starten, maar in de praktijk zijn er nog steeds scholen die deze indeling al in het eerste jaar gebruiken. Als de hervorming dit als effect zou hebben, doe ze dan maar beter niet, te veel onnodige stress! Uit onderwijsantropologisch onderzoek blijkt trouwens dat ondanks vele hervormingen, meestal de grammatica van het klasgebeuren zelden bruusk verandert.
Optie 2 is een schisma als de hervormingen wel degelijk diep gaan. Weinig mensen herinneren zich nog waarom het huidige onderwijssysteem het eenheidstype wordt genoemd. Toen het VSO ingevoerd werd, wilden bepaalde scholen niet mee in de vernieuwing en ontstond er een tweedeling in het onderwijs met VSO-scholen en meer traditionele scholen. Als ik de geruchten hoor, dan is ook dit scenario niet ondenkbaar. Een van de belangrijkste redenen is dan niet altijd dat men tegen een nieuwe structuur van het secundair onderwijs is, maar wel het feit dat de scholen zich dan zouden moeten herschikken, iets wat op sommige plaatsen op heel weinig animo kan rekenen.
Het grootste probleem voor het beleid is dat men niet echt een glijmiddel heeft om in optie 2 mensen te paaien. Er is simpelweg geen geld. Komt er nog bij dat we voor een nijpend leerkrachtentekort staan, waardoor de spanningen op scholen enkel nog zullen toenemen. Dat er iets moet veranderen, wordt tegelijk door veel mensen gedragen. Maar die verandering is nodig om meerdere redenen dan deze die vaak genoemd worden. Dit overzicht van Geert Noels en Carl van Keirsbilck heeft is hiervoor een goede aanzet. Wat te doen?
Ik zou hier kunnen stoppen na deze beschrijving, maar ik wil mijn nek uitsteken en mijn eigen persoonlijke keuze meegeven. Het zal je misschien opvallen dat ik nu weinig zal verwijzen naar wetenschap. Ik zou graag hebben dat er genoeg wetenschappelijke argumenten zullen gebruikt worden in de discussie (Wouter Duyck gaf een goede aanzet gisteren in zijn column in De Morgen, ik hoop op een gelijkaardig stuk van iemand die pro de hervorming is), maar wetenschap zal volgens mij spijtig genoeg niet de scheidsrechter zijn.
Ik zou voor de scheuring gaan, maar dan wel een scheuring die bewust georganiseerd wordt in samenspraak met de overheid. Een hervorming voorstellen die effectief ver gaat en waar een duidelijke visie achter zit, maar met de mogelijkheid voor scholen om bewust niet mee te doen. Het zou een verrijking betekenen voor het onderwijslandschap en bijvoorbeeld differentiatie toelaten tussen jongeren die al vroeg een bewuste keuze kunnen maken en zij die gebaat zijn bij een late keuze. Denk niet dat de traditionele scholen dan per se elitescholen zouden worden, omdat ik merk dat er ook scholen met een duidelijk open profiel graag in het oude systeem zouden blijven, terwijl ik merk dat meer prestigieuze scholen net openstaan voor de hervormingen.
De reden waarom ik voor deze benadering kies, is eerlijk gezegd omdat ik anders vrees dat scholen wel eens uit het totale systeem zouden kunnen stappen. Zo zou de breuk naar mijn persoonlijk gevoel te diep kunnen worden en er wel degelijk ondemocratische tendensen kunnen ontstaan. Wereldwijd neemt privé-onderwijs toe en het lijkt me niet ondenkbaar dat dit hier ook een opmars zou kunnen kennen. Bij een benadering waarbij beide opties naast elkaar bestaan, zou dit misschien niet of minder het geval zijn.
Oja, een opmerking die ik gisteren op radio 1 hoorde, wil ik nog meegeven. Het is cruciaal dat we hoe we kijken naar opleidingsniveaus veranderen. BSO wordt nu onterecht te vaak als minderwaardig beschouwd en dit moet er uit. Enkel een onderwijshervorming zal echter niet een maatschappij veranderen. In onze samenleving bestaat bijvoorbeeld nog altijd een onderscheid tussen het statuut van arbeider en bediende. Alleen dit al houdt een beeld mee in stand.
Denk gerust met me mee, want geloof me, ik ben meer dan ooit zoekende…
Gecharmeerd door je pragmatisch (en ont-ideologiserend) voorstel. In dezelfde zin: waarom niet het totale menu even in de frigo en beginnen met de eerste graad?
Zou misschien inderdaad niet slecht zijn, bedankt voor het compliment!
Pingback: Zeven eigen ideetjes voor het hervormen van het secundair onderwijs « X, Y of Einstein? – De Jeugd Is Tegenwoordig