Een link tussen snel op je woorden kunnen komen en (zeer) lang leven

Heb jij een brede woordenschat en kun je gemakkelijk op woorden komen? Mooi zo, want recent onderzoek van Paolo Ghisletta en collega’s wijst uit dat verbale vlotheid verrassend genoeg samenhangt met hoe lang je leeft. Samenhang is een correlatie, voor alle duidelijkheid, geen aangetoond causaal verband. Wetenschappers onderzochten een groep ouderen (gemiddeld 85 jaar) gedurende maar liefst 18 jaar, waarbij ze verschillende cognitieve vaardigheden bijhielden, zoals geheugen, snelheid, verbale kennis én verbale vlotheid. Van al deze vaardigheden bleek juist verbale vlotheid – hoe snel en soepel iemand woorden kan benoemen binnen bepaalde categorieën – sterk te voorspellen wie langer zou leven.

Interessant genoeg maakt het niet eens zoveel uit hoe snel je geheugen achteruitgaat of hoe goed je kennis van de taal is. De echte voorspeller zit hem in hoe goed je op het moment zelf presteert bij taken waarbij je snel woorden moet vinden, zoals dieren benoemen of woorden verzinnen die beginnen met een bepaalde letter. Ouderen die hier beter in waren, leefden gemiddeld jaren langer dan leeftijdsgenoten die daar moeite mee hadden.

De onderzoekers verklaren dit door de unieke combinatie van vaardigheden die je voor verbale vlotheid nodig hebt. Het gaat hierbij niet alleen om een goede algemene intelligentie, maar vooral om het snel ophalen en structureren van informatie in je brein. Dit soort taken vereist een soepel werkend netwerk tussen verschillende hersengebieden. Als dat netwerk goed blijft functioneren, is dat blijkbaar een krachtig teken van algehele gezondheid op latere leeftijd.

Abstract van het onderzoek:

Intelligence is known to predict survival, but it remains unclear whether cognitive abilities differ in their relationship to survival in old age. We analyzed longitudinal data of 516 healthy adults (age: M = 84.92 years, SD = 8.66 years at Wave 1) from the Berlin Aging Study (Germany) on nine tasks of perceptual speed, episodic memory, verbal fluency, and verbal knowledge, and a general composite intelligence score. There were eight waves, with up to 18 years of follow-up; all participants were deceased by the time of analysis. We used a joint multivariate longitudinal survival model to estimate the unique contribution of each cognitive ability in terms of true (i.e., error-free) current value and current rate of change when predicting survival. Additional survival covariates included age at first occasion, sex, sociobiographical status, and suspected dementia. Only the two verbal-fluency measures were uniquely predictive of mortality risk. Thus, verbal fluency showed more salient associations with mortality risk than did measures of perceptual speed, episodic memory, and verbal knowledge.

Geef een reactie