Geld opent de deur, maar kennis en netwerken laten je binnen

We denken vaak dat cultuur, zeker de meer elitaire vormen, vooral iets is voor wie het zich kan veroorloven. Kaartjes voor de opera, een avond in het theater, een vernissage in een galerie: het klinkt als een wereld voor mensen met tijd en geld. Maar nieuw onderzoek van Joe Gladstone en Silvia Bellezza laat zien dat geld niet de belangrijkste sleutel is tot die wereld.

De onderzoekers bouwden verder op het werk van Pierre Bourdieu, die ooit drie vormen van kapitaal onderscheidde: economisch, cultureel en sociaal. Economisch kapitaal is vanzelfsprekend: het vermogen om iets te betalen. Cultureel kapitaal verwijst naar kennis, opleiding en vertrouwdheid met de codes van de cultuur. Sociaal kapitaal gaat over netwerken en verbondenheid, over de mensen die je uitnodigen of die je helpen je ergens thuis te voelen.

Uit grootschalige studies in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten blijkt dat cultureel en sociaal kapitaal veel zwaarder doorwegen dan geld. In Groot-Brittannië voorspelde cultureel kapitaal, zoals opleiding, taalvaardigheid en ouderlijke achtergrond, het sterkst wie regelmatig naar musea, concerten en voorstellingen ging. In de Verenigde Staten speelde sociaal kapitaal een grotere rol: wie de juiste netwerken en professionele contacten had, kwam vaker bij culturele evenementen terecht. Financiële middelen bleken vooral nuttig om de basiskosten te dekken, niet om de drempel écht te verlagen.

Dat maakt dit onderzoek interessant, want het doorprikt het idee dat cultuurtoegang vooral een kwestie van geld is. De echte barrières zijn subtieler. Je kunt een kaartje voor de opera betalen en je er toch niet op je gemak voelen. Of je kunt gaan, maar niet goed weten wat je hoort of ziet. Het is kennis en sociale context die culturele ervaringen betekenis geven, niet enkel toegang.

Er zit gelukkig ook een positieve kant aan. De studie toont dat de drie vormen van kapitaal elkaar deels kunnen compenseren. Wie minder geld heeft maar een sterk sociaal netwerk, vindt soms toch de weg naar cultuur. En wie weinig connecties heeft maar goed onderwijs kreeg, kan de afstand overbruggen. Er zijn dus meerdere paden mogelijk, zolang de deuren openstaan en de ontvangst gastvrij is.

Voor beleidsmakers en culturele instellingen ligt hier een duidelijke boodschap. Wie culturele participatie wil vergroten, moet niet alleen inzetten op subsidies of goedkopere tickets, maar ook op het versterken van cultureel en sociaal kapitaal. Dat betekent: kunsteducatie op school, buurtprojecten die mensen rond cultuur samenbrengen, en instellingen die nieuwkomers écht welkom heten. Geld blijft belangrijk, maar het is niet de enige valuta die telt.

Afbeelding: https://pixnio.com/nl/media/theater-opera-koningin-koning-kostuum

Geef een reactie