Kunnen saaie onderwerpen toch boeiend worden?

De titel van de studie van Trinh en collega’s klinkt bijna als een cadeau voor elke spreker, docent of trainer die ooit een matige sessie gaf: gesprekken over saaie onderwerpen blijken veel interessanter dan mensen verwachten. Klaar. Case closed. Saaie lessen mogen blijkbaar weer. Alleen zegt het onderzoek dat helemaal niet.

De onderzoekers onderzochten namelijk iets anders en, eerlijk gezegd, ook iets best herkenbaars. Mensen blijken namelijk systematisch te onderschatten hoe aangenaam en boeiend een gesprek kan worden wanneer het eenmaal bezig is, zelfs als het onderwerp op voorhand banaal of weinig interessant lijkt.

De studie zelf bestond uit een reeks experimenten met in totaal ongeveer 1800 deelnemers. Mensen moesten vooraf inschatten hoe interessant of aangenaam gesprekken over bepaalde onderwerpen zouden zijn en beoordeelden diezelfde gesprekken nadien opnieuw. Soms ging het om gesprekken met vreemden, soms met vrienden, online of live. In sommige experimenten vonden beide gesprekspartners het onderwerp saai, in andere slechts één van beiden. Opvallend genoeg bleek het patroon vrij consistent: mensen verwachtten minder van zulke gesprekken dan ze achteraf rapporteerden.

Dat effect vonden ze meerdere keren terug. Mensen verwachtten weinig van gesprekken over onderwerpen die ze zelf saai vonden, maar beoordeelden die gesprekken achteraf duidelijk positiever dan voorspeld. Dat gold bij gesprekken met vreemden én vrienden, online én live.

Belangrijk: de gesprekken over interessante onderwerpen bleven gemiddeld nog steeds interessanter. Het onderzoek toont dus niet dat inhoud er niet toe doet. Wel dat mensen zich vooraf te veel focussen op het onderwerp zelf en te weinig op wat een gesprek dynamisch maakt.

De auteurs maken hiervoor een onderscheid tussen “statische” en “dynamische” elementen van gesprekken. Het onderwerp is statisch. Dat ken je vooraf. Daar kan je makkelijk een oordeel over vormen. Maar een echt gesprek bevat ook dynamische elementen: reageren op elkaar, samen betekenis opbouwen, luisteren, improviseren, lachen, nieuwsgierig worden, onverwachte verbanden leggen. Net dat laatste blijkt moeilijk voorspelbaar.

Eigenlijk is dat in onderwijs niet zo anders. Soms denken leerlingen vooraf dat een onderwerp hen totaal niet zal interesseren. En eerlijk: soms klopt dat ook. Niet elke les wordt magisch. Maar we onderschatten wellicht soms hoe sterk betrokkenheid, interactie en menselijke dynamiek een verschil kunnen maken. Iets wat ik in mijn eigen onderzoek ook terugvond.

Een goede leerkracht kan leerlingen meenemen in iets dat op papier droog klinkt. Niet noodzakelijk door er een circus van te maken, maar door enthousiasme, vragen, spanning, voorbeelden of interactie. Een boeiende geschiedenisles is zelden alleen “de inhoud”. Een goede wiskundeles evenmin.

Tegelijk is dit onderzoek ook géén excuus voor slechte didactiek. Dat blijkt ironisch genoeg zelfs uit dezelfde studie. In één experiment vergeleken de onderzoekers live gesprekken met het lezen van een transcript of het bekijken van een opname. En wat bleek? Het positieve effect zat vooral in de live-interactie zelf.  Dat voelt ergens logisch. Een monoloog die gewoon wordt ondergaan is iets anders dan actief deelnemen aan een gesprek of leerproces.

Het onderzoek herinnert ons dus misschien vooral aan iets wat in onderwijsdiscussies soms verloren gaat: motivatie ontstaat niet alleen uit “interessante inhoud”, maar ook uit menselijke betrokkenheid. Soms worden onderwerpen interessant omdat iemand anders er betekenis, nieuwsgierigheid of energie aan geeft. Ik schreef recent een blogpost over het belang van het sociale, dit onderzoek onderstreept dus het belang.

Maar dat betekent nog altijd niet dat saaie lessen plots een goed idee zijn.

Een gedachte over “Kunnen saaie onderwerpen toch boeiend worden?

  1. Wat ik raar vind is je afsluiting. Het gaat om hoe de les gaat, dus een saaie les met een interessant onderwerp is net zo slecht. Maar een goede les met een saai onderwerp, dat is wel okay. Overigens is er ook onderzoek gedaan naar hoe leuk de lessen waren en de resultaten. Resultaat van dit onderzoek: leuk is niet beter. Mensen die het leuk vonden scoorde ook laag en omgekeerd. Weliswaar een beperkt onderzoek, maar wel passend bij dit verhaal.

    Ik heb ook een heel groot onderzoek gezien van een Amerikaanse Harvard professor (naam even kwijt) die had aangetoond dat de didactiek bepalend was voor het rendement en niet of je een geengageerde docent had of niet. 8% rendementstoename.

    Hij had onderzocht dat de resultaten van “award winning” docenten identiek waren aan “boring” docenten.
    (Ps. Ik heb geg. van beide onderzoeken)

Geef een reactie