Gisteren werd het Vlaamse VRIND-rapport 2013 gepubliceerd. Het rapport beschrijft “De resultaten van het Vlaamse beleid en de impact op de omgeving.”
Wat vind je zoal over jongeren in dit uitgebreide rapport? Lees in het rapport zeker nog het stuk over het gezinsleven!
- ruim een kwart van de jongeren onder de 25 doet aan vrijwilligerswerk (wat meer is dan het gemiddelde van ruim 1 op 5).
- Op de kerk, de vakbonden, de koning en het leger na stellen jongeren net als hooggeschoolden meer vertrouwen in de instellingen dan laaggeschoolden.
Oja, van alle instellingen scoort onderwijs het hoogste vertrouwen!
Over onderwijs:
- In het 6de leerjaar lager onderwijs heeft bijna 15% van de leerlingen minstens één jaar schoolse vertraging opgelopen. In het tweede jaar van de derde graad se- cundair onderwijs heeft 1 op de 3 leerlingen minstens één jaar schoolse achterstand. Op beide momenten in de schoolcarrière doet schoolse vertraging zich veel vaker voor bij niet-Belgische leerlingen.
- Het aandeel vroegtijdige schoolverlaters bedraagt in 2012 8,6%. Hiermee heeft Vlaanderen, net als Neder- land, de Europa 2020-doelstelling (<10%) nu reeds gehaald. Met de Pact 2020-doelstelling van 4,3% tegen 2020 mikt Vlaanderen heel wat hoger.

- Het Vlaamse Gewest zit reeds boven de Europa 2020-doelstelling met 45% hooggeschoolde 30-34-jarigen
- 67% van de jongeren vangt na het secundair onderwijs hogere studies aan. Bij jongeren met een hooggeschoolde moeder loopt dit op tot 86%, bij jongeren met een laaggeschoolde moeder valt de deelname terug tot 45%.
Over werk:
- Mee ten gevolge van de sombere economische context en de verstrenging van het uitschrijvingscriterium van uitzendkrachten is de werkloosheid in 2012 toegenomen. Vooral mannen, jongeren en personen van vreemde herkomst worden getroffen.
- De werkzaamheidsgraad bij jongeren (20-24 jaar) is tussen 2008 en 2012 met 7,5 procentpunten gedaald. Dit is deels te wijten aan de crisis; jongeren zijn erg kwetsbaar in tijden van economische laagconjunctuur. Anderzijds is er ook de stijgende deelname aan hoger onderwijs.
-
Bijna 13 op de 100 jongeren (15-24 jaar) die zich aan- bieden op de arbeidsmarkt hebben geen baan in 2012. De werkloosheidsgraad bij de jongeren ligt bijna 3 keer hoger dan het globale gemiddelde.
- Bij Vlaamse jongeren komen tijdelijke arbeidsovereenkomsten relatief meer voor dan bij de totale bevolking op arbeidsleeftijd, maar minder dan bij tal van hun Europese leeftijdsgenoten. Dit onderlijnt het belang van tijdelijk werk als intredekanaal op de arbeidsmarkt.
- De conjunctuurgevoelige jeugdwerkloosheid groeit met 9,4% op jaarbasis in 2012. De krimpende vacaturemarkt en de teruglopende uitzendactiviteit remt de jongeren af in het vinden van een (eerste) job.
-
In de grootsteden staan tegen 100 oudere werknemers 110 jongeren klaar om in te stromen.
Over vrije tijd
- Dit stuk steunt ook op de JOP-monitor, dus zie daar, maar verder nog
- Globaal genomen neemt de particuliere jeugdwerk- index wat af, voornamelijk door een daling van de particuliere jeugd- en jongerenbewegingen. De gemeentelijke jeugdwerkindex stijgt nog.
- Bij jongeren (secundair onderwijs) is bijna twee op de drie actief lid in een sportclub.
- Jaarlijks nemen meer dan een miljoen jongeren deel aan schoolsportactiviteiten.
Over gezondheid:
- Het aandeel volwassen rokers vertoont de voorbije 20 jaar een dalende trend (figuur 3.102). In 2011 rookt 18,5% van de Vlamingen van 18 jaar en ouder. Dit lijkt een goede stap op weg naar de gezondheidsdoelstel- ling die stelt dat er tegen 2015 maximaal 20% volwassen rokers mogen zijn. Ook het tabaks- en alcoholgebruik bij jongeren loopt terug.

- Tijdens het schooljaar 2010-2011 heeft 34% van alle mid- delbare scholieren ooit tabak gerookt, 9% rookt dagelijks. Twee derde van deze dagelijkse rokers, rookt minder dan 10 sigaretten per dag, een derde rookt meer. De gemid- delde leeftijd waarop jongeren hun eerste sigaret hebben opgestoken, was 14,3 jaar.
Tussen jongens en meisjes is er maar weinig verschil meer. Het dagelijks roken neemt sterk toe met de leeftijd, bij de 17 tot 18-jarigen rookt 19% dagelijks. Leerlingen in het TSO en vooral BSO roken beduidend meer dan leerlingen in het ASO. Tussen schooljaar 2000-2001 en 2010-2011 is een sterke daling te merken in het tabaksgebruik bij jongeren. De grootste daling doet zich voor in het ‘ooit gebruik’ met een daling van om en bij de 20%. - En qua alcohol? Tussen het schooljaar 2000-2001 en 2010-2011 daalde het regelmatig drinken van alcohol (van 30% tot 20%). In dezelfde periode is het aantal leerlingen dat ooit alcohol heeft gedronken eveneens gedaald. Deze daling is echter 3%. grotendeels toe te schrijven aan een sterke daling in het ‘ooit gebruik’ bij de 12 tot 14-jarigen.
-
In het schooljaar 2010-2011 heeft 11,3% van alle leerlin- gen het jaar voor de bevraging cannabis gebruikt: 8,8% occasioneel, 2,5% regelmatig. Cannabis is populairder bij jongens dan bij meisjes en het gebruik neemt gradueel toe met de leeftijd. In de groep 17 tot 18-jarigen heeft 23% het voorbije jaar cannabis gebruikt, 6% deed dit regelmatig. De verschillen in laatstejaarsgebruik tussen de onderwijs- vormen waren beperkt, wel gebruikten in het TSO en het BSO 2 tot 3 maal zoveel leerlingen regelmatig cannabis dan in het ASO. Tussen het schooljaar 2000-2001 en 2010-2011 schommelt de laatstejaarsprevalentie van cannabisgebruik rond de 12%. Wel is er een daling in het regelmatig gebruik van cannabis, sinds 2004-2005 is er een stabilisering rond de 3%
Zorg
- Het aantal jongeren met een maatregel neemt jaar na jaar toe. Jongeren kunnen in aanraking komen met de jeugdzorg wanneer ze in een ‘problematische opvoedingssituatie’ (POS) verkeren of doordat ze een als ‘misdaad omschreven feit’ (MOF) hebben gepleegd. Het leeuwendeel van de jongeren komt in de jeugdzorg terecht omwille van een problematische opvoedingssituatie. Hun aantal gaat in licht stijgende lijn, het aantal jongeren dat een als misdrijf omschreven feit heeft gepleegd daalt voor het tweede jaar op rij.
Gezinsleven
- In 2008 heeft een kwart van de 12-18-jarigen te maken gehad met een scheiding van de ouders. Ongeveer 11% van de jongeren woont in een een- oudergezin, 8% woont in een nieuw samengesteld gezin en 4% leeft in een regime van co-ouderschap.

Pingback: Kortjes: Perfect Day van PlayStation, Papadag van Ikea, Avatar Land van Disney, en meer (week 42, 2013) - Trends in Kids- & Jongerenmarketing
Pingback: Wat leren we bij uit de de Vlaamse Regionale Indicatoren (VRIND 2014) over jongeren? | X, Y of Einstein?
Pingback: Wat vind je over onderwijs in VRIND 2016? Deel 1: vertrouwen in onderwijs en geld… | X, Y of Einstein?