Onderwijs en gezondheidszorg, gelijkenissen en verschillen

Er is in de wetenschap en in het denken over onderwijs een lange traditie om onderwijs te vergelijken met de geneeskunde of de gezondheidszorg. Sta er maar even bij stil zoals onder andere Larry Cuban al eerder deed:

Natuurlijk zijn er een pak verschillen, zoals Cuban opsomt:

doctors work one-on-one, teachers in groups; doctors’ decisions can have immediate consequences for life and death, much less so for teachers; differences in salaries; social status, etc.

Maar zelf zie ik ook nog wel een gelijkenis die wat onderbelicht zou kunnen raken: leraren willen net zoals dokters en verpleegkundigen geen enkele leerling verliezen.

Ik hoorde op radio 1 een interview met Anki Nauwelaerts die deze gelijkenis mooi in de verf zette. Ze beschreef hoe haar school elke leerling belde om te kijken wat hun digitale omstandigheden zijn. Ook vertelde ze hoe de school een papieren alternatief aanbiedt zolang niet elk kind online kan. Doorheen heel het gesprek was duidelijk hoe bezorgd mevrouw Nauwelaerts was om leerlingen te verliezen en de kloof te zien vergroten. Voor haar waren deliberaties in juli trouwens geen issue, iedereen wil toch dat zijn of haar leerlingen zo weinig mogelijk leerkansen verliezen. Ze merkte trouwens mijns inziens terecht op dat zomerscholen – waar ze zeker voor was – de kloof nog kunnen vergroten door het vrijwillig karakter.

Het klopt, laat ons eerlijk zijn, dat dokters en verpleegkundigen vandaag de echte helden zijn. Wij, lesgevers hebben het moeilijk, maar lang niet zo moeilijk als zij die echt in de frontlinie staan. Zoals Cuban schreef: onze beslissingen hebben niet onmiddellijk een invloed op leven en dood. Maar tegelijk denk ik, op langere termijn kan dat wel degelijk het geval zijn.

Een gedachte over “Onderwijs en gezondheidszorg, gelijkenissen en verschillen

  1. Die schrik om “kloof te zien vergroten”, is die niet zo geworden dat daardoor die andere grote doelstelling van ons onderwijs, namelijk het maximaal helpen ontwikkelen van het potentieel van elk kind, elke jongere of lerende naar het achterplan geduwd is? De aandacht van de leerkrachten én de organisatie van ons onderwijs lijken het potentieel van het sterkste kwart of derde van de doorsnee klas nog maar half te willen en kunnen aanboren. Zij worden in veel schlen nauwelijks nog uitegdaagd.

    Terzijde, ik kijk daarbij vooral niet naar de ervaringen met mijn zoon (6LO), maar luister intensief naar wat leerkrachten me zelf vertellen.

    In een deel van de scholen worden de sterkste leerlingen wel uitgedaagd en op hun kunnen aangesproken, maar dat lijkt een heel kleine minderheid.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.