Eenzaamheid staat al langer bekend om de impact die het kan hebben op onze gezondheid. Denk aan een verhoogde kans op depressie, hartproblemen en zelfs een kortere levensverwachting. Eenzaamheid was niet voor niets het thema van de Warmste Week. Wat tot nu toe echter minder onderzocht werd, is hoe eenzaamheid invloed kan hebben op ons stemgedrag. Recent onderzoek van Delaney Peterson en collega’s met data van onder andere Nederland wijst op een mogelijk verband: eenzame mensen blijken vatbaarder voor de aantrekkingskracht van populistische, radicaal-rechtse partijen.
Wat opvalt, is dat eenzaamheid mensen gevoeliger maakt voor het soort retoriek dat inspeelt op dreiging en de behoefte aan verbondenheid. Populistische partijen zijn hier meester in. Ze creëren een “wij versus zij”-verhaal waarin “de mensen” worden verdedigd tegen elites of externe groepen. Voor iemand die worstelt met gevoelens van sociale isolatie, biedt deze retoriek een schijnbaar antwoord: een gemeenschap waarin ze gehoord en beschermd worden.
Dit kan ook relevant zijn voor onderwijs. Scholen en universiteiten zijn meer dan kennisinstituten; ze zijn ook gemeenschappen waar jongeren sociale vaardigheden en zelfvertrouwen opbouwen. Het bevorderen van inclusiviteit en sociale betrokkenheid kan helpen om eenzaamheid tegen te gaan. Denk aan mentorschappen, groepsprojecten en aandacht voor mentale gezondheid. Door jongeren voor te doen en te leren hoe ze met verschillen kunnen omgaan en constructieve gesprekken kunnen voeren, verminderen we niet alleen sociale isolatie, maar versterken we ook de democratische weerbaarheid.
Eenzaamheid is meer dan een individueel probleem. Het beïnvloedt hoe we naar de wereld kijken en wie we vertrouwen.
Abstract van het onderzoek:
Objectives: The mental and physical health consequences of loneliness are well documented. However, loneliness’s socio-political ramifications have been largely unexplored. We theorize that loneliness, due to its physiologically dysregulating impact on the nervous system, facilitates greater susceptibility towards populist radical right parties.
Methods: We tested our hypothesis in 25 unique tests in four population-based samples (N = 40852), spanning nine countries – the Netherlands (15 tests, 2008–2023), Germany (two samples; 2017, 2018), Austria, Croatia, Denmark, France, Hungary, Sweden, and Switzerland (all in 2017). Logistic regressions were run per year and per country. Two internal meta-analyses were run, the first for the Dutch sample and the second for the cross country dataset.
Results: In the Netherlands, lonelier individuals were more likely to support the populist radical right across 15 tests spanning 15 years of data, with 11 tests reaching statistical significance – odds ratios ranging from 1.1 to 1.38. For the cross country analysis, Denmark reached statistical significance (OR = 1.2, 90% CI = 1.01, 1.42). Due to smaller sample sizes however, the cross country tests were underpowered to reliably detect small effects.
Conclusions: Loneliness is positively associated with support for the populist radical right in the Netherlands. The effect sizes are comparable to common health correlates of loneliness – high blood pressure, heart diseases, and depression – emphasizing their socio-political relevance. Going forward, well-powered cross-national replications are needed.