Je hoort het niet elke dag: een toonaangevende professor aan Harvard, gespecialiseerd in ethiek en eerlijkheid, die ruim één miljoen euro per jaar verdient – een van de best betaalde medewerkers van de universiteit. En net diezelfde Francesca Gino werd ontslagen voor datamanipulatie. Niet zomaar ontslagen: ook haar tenure werd ingetrokken, iets wat bij Harvard al decennialang niet meer was gebeurd. Dat maakt het verhaal op zich al opmerkelijk. Maar wat het extra fascinerend maakt, is hoe het begon.
Ik volg dit dossier al een tijdje, sinds Data Colada – de blog van Simonsohn, Nelson en Simmons – hun post nummer 109 in 2023 publiceerde, met als veelzeggende titel “Clusterfake”. Daarin lieten ze zien hoe de data in een van Gino’s papers uit 2012 statistisch gezien nauwelijks natuurlijk kon zijn ontstaan. Wat hen opviel: kleine onnatuurlijke verschuivingen in Excel-tabellen, patronen die eerder op bewuste manipulatie dan op toeval wezen. Er volgden nog drie vervolgposts waarbij in totaal vier onderzoeken manipulaties gevonden werden. Ze gaven hun bevindingen door aan Harvard. Wat toen volgde, was een intern én extern onderzoek, dat niet bij die ene paper bleef. In totaal bleek minstens vier gepubliceerde studies met Gino als (co-)auteur manipulatie te bevatten.
De ironie kon nauwelijks groter zijn: Gino’s onderzoek ging vaak net over eerlijkheid. Bijvoorbeeld over hoe je mensen kunt aanzetten tot eerlijk gedrag door hen aan het begin van een formulier een integriteitsverklaring te laten ondertekenen. Precies dat soort onderzoek blijkt nu vervalst. En dat komt niet uit de lucht vallen: het gaat om studies die veel geciteerd zijn, en ook een bredere publieke impact hadden. Geen randverschijnsel dus, maar invloedrijk werk dat waarschijnlijk ook gebruikt is in beleid en educatie.
Toen Harvard Gino op non-actief zette en uiteindelijk ontsloeg, was haar reactie stevig: een rechtszaak van 25 miljoen dollar wegens reputatieschade, onder andere tegen Data Colada. Ze ontkende elke betrokkenheid bij manipulatie en suggereerde dat anderen haar data zouden hebben aangepast. Maar de rechter ging daar niet in mee. De argumenten werden als weinig geloofwaardig beschouwd, en de zaak werd deels verworpen. Andere juridische procedures lopen nog, maar de geloofwaardigheid van Gino’s verdediging kreeg een stevige knauw.
Waarom is dit verhaal belangrijk? Niet alleen vanwege het spectaculaire karakter – Harvard, een topprofessor, miljoenen, fraude. Maar ook omdat het laat zien hoe kwetsbaar wetenschap is als er geen checks zijn. Dit had wellicht nooit aan het licht gekomen zonder het minutieuze werk van Data Colada. En precies dat onderstreept waarom open data, replicatie en onafhankelijke kwaliteitsbewaking meer zijn dan idealen: ze zijn een noodzaak.
Er zit ook een bredere les in over status, macht en geloofwaardigheid. Gino’s carrière stond bol van TED-talks, media-optredens en bestsellers. Haar status leek soms een garantie voor betrouwbaarheid. Maar als zelfs een Harvard-professor in ethiek zich bezondigt aan wetenschappelijk bedrog, zegt dat iets over de druk in de academische wereld – én over de nood aan structurele bescherming van integriteit. Wetenschap is geen kwestie van blind vertrouwen, maar van systematisch wantrouwen, in de best mogelijke zin van het woord. Misschien is dat wel de echte ironie: dat we eerlijkheid pas echt kunnen bevorderen door alles voortdurend te durven bevragen – ook als het van boven komt.