Staat effectieve didactiek haaks op evidence-informed werken?

Er is een vraag die de laatste tijd blijft terugkomen, onder andere in een gesprek op een studiedag in Kortrijk vorig jaar. Staat het idee van “effectieve didactiek” niet haaks op “evidence-informed werken”? Ik merk dat ze vaak opduikt precies op momenten waarop mensen het gevoel hebben dat onderzoek wordt ingezet om twijfel te sluiten in plaats van te openen. Alsof we eindelijk weten wat werkt, en het gesprek daarmee afgerond is.

Ik begrijp dat ongemak volkomen. “Effectieve didactiek” klinkt alsof het gaat over een vaste set aanpakken die hun nut bewezen hebben. Alsof je ze kan doorgeven, implementeren en afvinken. Dat botst met hoe ik evidence-informed werken zelf begrijp, en ook met hoe het bijvoorbeeld in opdracht van Leerpunt werd uitgewerkt. Meer nog, een dergelijke enge visie op onderwijs zou kunnen leiden tot lethal mutations, zoals we Liese, Jeroen en ik ook bespreken in ons meest recente boek.

In dat kader gaat evidence-informed onderwijs niet over recepten, maar over beslissingen. Over het combineren van verschillende bronnen. Onderzoek, professionele ervaring, kennis van de context, en informatie uit de eigen praktijk. Niet om onzekerheid weg te nemen, maar om er beter mee om te gaan. Het is geen eindpunt, maar een proces. Cyclisch, voorlopig, en expliciet open voor bijsturing.

De spanning zit voor mij dan ook niet in didactiek, maar in het woord effectief. Dat suggereert iets definitiefs. Dit werkt. Klaar. En wie onderzoek volgt, zoals ik, weet dat dit niet zo eenvoudig is. Denk maar recent aan wat er bleek toen men replicatie-onderzoek naar scaffolding deed. Terwijl evidence-informed werken net vertrekt van vragen als: wat lijkt hier in deze context te werken, waarom zouden we dat verwachten, en onder welke voorwaarden? En zelfs dan blijft het een hypothese, geen garantie.

Te vaak zie je dat “effectieve didactiek” wordt herleid tot losse ingrepen. Doe dit, vermijd dat. Onderzoek fungeert dan als legitimatie. De wetenschap zegt het, dus zo moet het. Het is deels waarom evidence-based stilaan verguist raakte. Maar precies dat staat haaks op het idee van professioneel oordeelsvermogen. Onderzoek informeert, het beslist niet in jouw plaats.

Binnen een evidence-informed benadering krijgt “effectief” daarom een andere betekenis. Effectief betekent niet universeel of altijd geldig. Het betekent: op basis van wat we nu weten, en rekening houdend met deze leerlingen, deze doelen en deze context, lijkt dit een verstandige keuze. En zelfs dan hoort daar de bereidheid bij om te kijken of het ook zo uitpakt, en om bij te sturen als dat nodig blijkt.

Dat maakt effectieve didactiek minder comfortabel, maar ook eerlijker. Het vraagt dat je expliciet bent over wat je wil bereiken. Over welke aannames je maakt. Over wat je verwacht te zien gebeuren. En over wat je doet als dat niet gebeurt. Effectief voor wat eigenlijk? Leerwinst, begrip, transfer, motivatie, welbevinden? Dat zijn geen randvragen, maar kernvragen.

Misschien zit het probleem dus niet in een tegenstelling tussen effectieve didactiek en evidence-informed werken, maar in hoe we over beide spreken. “Effectieve didactiek” klinkt alsof het iets vasts is dat je kan overdragen. Terwijl het in de praktijk veel meer lijkt op een tijdelijke conclusie. Vandaag, hier, op basis van deze kennis en ervaring, lijkt dit een goede aanpak.

Als je het zo bekijkt, verdwijnen veel schijnbare tegenstellingen. Effectieve didactiek is dan geen vertrekpunt, maar een verhoopt resultaat van evidence-informed handelen. Geen lijstje, maar een onderbouwde keuze. En misschien is dat precies de spanning die we nodig hebben. Niet de belofte van zekerheid, maar de discipline om telkens opnieuw beter te proberen begrijpen wat we aan het doen zijn.

Een gedachte over “Staat effectieve didactiek haaks op evidence-informed werken?

  1. Pingback: Pedro en RInke blikken terug op onderwijsnieuws van januari 2026

Geef een reactie