We hebben het relatief vaak over het lerarentekort en de redenen waarom mensen het onderwijs verlaten. Laten we het vandaag eens over een andere boeg gooien. Waarom blijven leraren? Dit is de focus van een kwalitatieve studie van Wanyue Chen en collega’s. Een kwalitatief onderzoek betekent geen causale claims of grote representatieve stalen van de hele lerarenpopulatie, maar is zeer aangewezen om net het ‘waarom’ beter te begrijpen; En dan duiken er uit de interviews met Engelse leerkrachten een paar opvallende elementen op.
De onderzoekers interviewden 21 leraren met al een behoorlijk aantal jaren op de teller in het onderwijs. Veertien hadden tussen zes en 22 jaar ervaring. Zeven stonden maar liefst minstens 23 jaar voor de klas. De centrale vraag was niet alleen waarom ze waren gebleven. Chen en co bevroegen ook wat er onderweg met hun professionele identiteit was gebeurd.
Wat blijkt, wie lang in het onderwijs blijft, blijft namelijk niet noodzakelijk dezelfde leraar. De onderzoekers onderscheiden op basis van hun analyses drie grote trajecten: retained, reclaimed en reconceived. Of vrij vertaald: een professionele identiteit kan behouden blijven, herwonnen worden of opnieuw vorm krijgen.
Bij leraren die ze konden indelen bij de eerste groep, bleef de kern van wie men als leraar wilde zijn relatief stabiel. Dat betekent trouwens niet dat deze leraren geen moeilijke periodes kenden. Soms werd de afstand tussen hoe ze leraar wilden zijn en het werk dat ze in werkelijkheid moesten doen behoorlijk groot. Een van de leraren omschreef het treffend. Hij hield nog altijd van lesgeven, maar veel minder van wat het beroep aan het worden was. Moet bekennen dat ik die zin wel vaker gehoord heb in het onderwijs.
Bij een tweede groep was er meer aan de hand. Bij deze leraren was het vertrouwen, het gevoel van betekenis of de professionele identiteit op een bepaald moment ernstig aangetast. Hierdoor hadden sommigen overwogen te stoppen. Meer nog, anderen verlieten tijdelijk hun vaste baan. Dit betekende tegelijkertijd niet noodzakelijk het einde van hun onderwijsloopbaan. Een andere school, ander leiderschap, deeltijds werken of tijdelijk invallen kon ervoor zorgen dat ze opnieuw aansluiting vonden bij de redenen waarom ze ooit leraar waren geworden. Zes van de zeven leraren in deze groep hadden bijvoorbeeld een periode als invaller gewerkt. Dat gaf hun afstand van een moeilijke schoolcontext zonder dat ze meteen afstand moesten nemen van het lesgeven zelf.
Dan de grootste groep met tien van de 21 leraren. Zij bleven door hun professionele identiteit deels opnieuw uit te vinden. Denk dan aan minder werken, andere verantwoordelijkheden opnemen, uit leidinggevende functies stappen of onderwijs combineren met ander werk. Bij deze groep werd de definitie van professioneel succes soms ook anders. Niet langer hogerop klimmen, maar bijvoorbeeld opnieuw meer tijd doorbrengen met leerlingen.
We kunnen dus minder werken, van school veranderen of een leidinggevende functie opgeven makkelijk zien als tekenen van verminderde betrokkenheid. Terwijl deze studie laat zien dat het soms net manieren zijn om betrokken te kunnen blijven. De onderzoekers spreken daarom over values-informed agency: leraren proberen actief hun werk opnieuw in overeenstemming te brengen met wat zij belangrijk vinden in onderwijs.
Dit kan ook gevolgen hebben voor hoe we over retentie denken. Een leraar behouden betekent misschien niet dat je ervoor moet zorgen dat alles hetzelfde blijft. Soms moet er juist iets kunnen veranderen. Denk dan aan de school (misschien een opdracht op een andere school binnen de scholengemeenschap), de opdracht (het takenpakket), het aantal uren, de verantwoordelijkheden, of ook het beeld dat iemand heeft van zichzelf als leraar. Al lijkt dat laatste me pittiger te regelen.
Nogmaals, uit 21 interviews kunnen we niet besluiten dat dit dé verklaring is waarom leraren blijven. Bovendien interviewden de onderzoekers alleen blijvers en niet de mensen die uiteindelijk vertrokken, een beperking die ze zelf duidelijk benoemen zoals het hoort . Maar de studie biedt wel een interessante alternatieve blik op het lerarentekort. Misschien moeten we niet alleen vragen waarom mensen vertrekken, maar ook wat leraren nodig hebben om te kunnen veranderen zonder het onderwijs daardoor te hoeven verlaten.