Hoe een klas er uitziet heeft volgens een nieuw rapport van de universiteit van Salford in Manchester een belangrijke invloed op het leren. Een team onder leiding van professor Peter Barett volgde gedurende 3 jaar 3766 leerlingen in 153 klassen in 27 zeer diverse Britse basisscholen en ontdekte dat de verschillen in schoolprestaties bij de leerlingen voor zowat 16% kunnen verklaard worden door hoe de klas ingericht is.
Waar de onderzoekers verwacht hadden dat bijvoorbeeld grootte van de klasruimte een invloed zou hebben, zijn het 3 andere elementen die een veel belangrijkere rol spelen:
- individualisation
- stimulation
- naturalness
Met het laatste bedoelen de onderzoekers luchtkwaliteit, licht, temperatuur en geluidsniveau. Dit laatste criterium is goed voor de helft van de impact. Misschien een aandachtspunt voor de vele bouwwerken die we in Vlaanderen moeten doen in scholen.
De onderzoekers bekeken ook hoe rijk een klas aangekleed moet worden voor optimaal leren – stimulation – en alles draait om een goede balans:

Links is te kaal, midden is goed, rechts is te overdonderend.
Met individualisation beschrijven de onderzoekers in welke mate de klas flexibel veranderbaar, personaliseerbaar en dus ook niet overbevolkt is. Indirect komt fysieke klasgrootte (en indirect ook klasgrootte qua aantal) hier wel aan bod.
Zeer opvallend: de invloed van de klasinrichting bleek groter dan de invloed van de volledige school. Dit is voor mij een interessant punt, omdat de scholen in de UK qua verschillen in prestaties minder ver uit elkaar zouden liggen dan we vaak denken, maar blijkbaar kunnen er dan nog binnen de school verschillen ontstaan.
Bij het onderzoek werd rekening gehouden met geslacht, indirect SES, leeftijd, enz. en men keek vooral naar de invloed op de typische PISA-domeinen (taal, rekenenen en wetenschappen).