Gisteren ging het in Ter Zake over onderwijs en de ondertussen vermoeiende tegenstelling welbevinden versus leren kwam er ook weer aan bod. Mocht je verwachten dat ik nu nog maar eens ga uitleggen dat het geen tegenstelling is, dat deed ik al eerder. Nieuwe cijfers doen vermoeden dat het gewoon zelfs een zinloze discussie is om een heel andere reden.
Als we kijken naar de laatste JOP-monitor, dan zien we dat 5,7% van de Vlaamse (en Brusselse jongeren) zich niet goed voelen/laag welbevinden hebben. Maar hoe groot is de invloed van school op dit welbevinden? Behoorlijk klein.
Scholen erven grotendeels het welbevinden van buiten de school. En dan vind ik het raar dat we in heel dit debat niet kijken naar de factoren die wel de levenstevredenheid eerder doen dalen:


Hoe leid je af dat de invloed van school klein is uit de significante invloed van andere factoren?
De letterlijke quote bij de grafiek in het boek is:
En nog: