Een nieuw onderzoek van OIVO:
Bijna een derde van de jongeren van 10 tot 17 jaar uit hebben al reclameboodschappen ontvangen op hun gsm. Bijna één op vijf ontving al ooit een ongevraagde betalende sms en meer dan een tiende werd zelfs al eens ongewild ingeschreven op een betalende gsm-dienst.
Dat blijkt uit een enquête over het gsm-gebruik bij jongeren, begin dit jaar door het OIVO uitgevoerd bij bijna 3.000 Belgische jongeren van 10 tot 17 jaar oud. Verder blijkt dat ook bij de jongste tieners de penetratie van het gsm-bezit ondertussen bijna compleet is en dat jongeren in hun gsm-gebruik relatief weinig gecontroleerd worden door hun ouders.
Misleiding
De informatie die operatoren meegeven over de aard en kost van commerciële diensten die aangeboden worden via gsm laat vaak te wensen over, waardoor jonge klanten mogelijk misleid kunnen worden en ongevraagd betalende sms-berichten ontvangen of ongewild geabonneerd worden op betalende diensten. Uit de statistieken die we hierboven melden, blijkt dat het gaat om een reëel en acuut probleem.
Beperkt ouderlijk toezicht
De commerciële druk mag dan al hoog zijn, het ouderlijk toezicht op het gsm-verkeer blijft beperkt. Slechts 1 jongere op 5 dient zich aan ouderlijke regels te houden wanneer hij/zij mobiel belt. Die regels gaan meestal over de duur en de frequentie van de oproepen, vermoedelijk vooral om financiële redenen. Voor slechts een kwart van de jongeren controleert de ouders naar wie ze bellen.
Ook de jongsten bezitten steeds vaker een gsm
Marketeers en ondernemers hebben begrepen dat mobiele communicatie een doeltreffende manier is om de jongeren te bereiken, die het bezit van een gsm zien als een vanzelfsprekendheid. Uit onze studie blijkt immers dat 91% van de jongeren een gsm bezit, hetzij 5% meer dan in 2009. Op de leeftijd van twaalf jaar blijken veel jongeren voor het eerst een gsm te krijgen of kopen. Vanaf die leeftijd bezit 91% tot 100% van de jongeren een gsm. Bij de tien- en elfjarigen is dit respectievelijk 66% en 73%. Ook bij deze jongste tieners maakt de gsm echter duidelijk zijn achterstand goed. In vergelijking met 2009 merken we een sterke stijging in het aantal gsm-bezitters bij de 10 tot 12-jarigen, telkens met 15 à 20%. Ook smartphones maken langzamerhand hun opmars: een op vijf jongeren bezit er een.
9 sms’jes voor elke oproep
Sms’en blijft het populairste gebruik van de gsm. Gemiddeld sturen jongeren 88 tekstberichten per week en bellen ze een tiental keer. Voor elke mobiele oproep worden dus 9 sms-berichten verstuurd. Er wordt duidelijk meer ge-sms’t dan in 2009, toen het wekelijkse gemiddelde nog op 49 lag.
Jongeren kiezen, ouderen betalen
De helft van de jongeren heeft zijn of haar gsm gekregen van zijn of haar ouders. Een derde ontving het als geschenk en zowat een vierde betaalde (eventueel deels) zelf. Ook de dagelijkse abonnementskosten worden veelal door de ouders gedragen (bij 77% van de jongeren ? in 2009 was dat nog 65%). Over welke gsm gekocht wordt, heeft de grote meerderheid van de jongeren wel het laatste woord (92%).
Aanbevelingen van het OIVO
De jongeren waarschuwen voor mogelijke risico’s, zoals ongewenst contact (intimidatie, pesten), spam en reclame, de verspreiding van foto’s en video’s die de privacy van de jongeren in het gevaar brengen, besmetting met virussen, diefstal van de gsm, malafide verzekeringsaanbiedingen en overdreven intensief gebruik dat tot gezondheidsproblemen kan leiden.
Het KB van 9 februari tot vaststelling van de ethische code voor de telecommunicatie garandeert de (jonge) consumenten alvast een betere bescherming. Het OIVO herinnert eraan dat het verboden is commerciële boodschappen te versturen naar minderjarigen en kinderen jonger dan twaalf jaar. Volgens Marc Vandercammen, directeur van het OIVO, zijn er nog enkele belangrijke actiepunten: “Jongeren worden geconfronteerd met verantwoordelijkheden die niet passen bij hun leeftijd, zoals het beheer van een budget. Om de toegang tot bepaalde diensten en opties, zoals internationale oproepen, betalende sms’en en andere betalende diensten, te beperken, zou het goed zijn als de ouders eerst hun schriftelijk akkoord moeten geven. Er kan dan gewerkt worden met een wachtwoord dat nodig is om eventuele geblokkeerde diensten te gebruiken, dat ze al dan niet met hun kinderen kunnen delen. Zo kan ervoor gezorgd worden dat de commerciële druk op kinderen en jongeren afneemt.”
Volledige studie: Jongeren en GSM.