Moet de zomervakantie korter of… net langer?

We zitten in de laatste week van de zomervakantie in Vlaanderen. Veel ouders en zelfs veel leerlingen zullen – als ze eerlijk zijn – zeggen dat de zomervakantie te lang is. Het is een discussie die met enige regelmaat terugkomt en waar ik om de zoveel maanden over gebeld wordt. En er zijn ook echt goede argumenten voor te vinden. Kinderen en jongeren vergeten tijdens een lange vakantie een deel van wat ze geleerd hebben, wat summer learning loss genoemd wordt, al kan dat behoorlijk verschillen van leerling tot leerling.

Daarom is er bezorgdheid dat zo’n lange onderbreking vooral nadelig kan zijn voor kinderen die thuis minder mogelijkheden hebben om te lezen, te oefenen of andere leerzame ervaringen op te doen, in contrast met rijkgevulde zomers die veel voorkennis helpen opbouwen. Dus logisch: kort de zomervakantie dus in? Ja, maar er is nu ook een argument om het tegenovergestelde te doen.

Dit weekend las ik dit stuk van de BBC dat de vraag namelijk zowat op zijn kop zet. Misschien moet de vakantie niet per se langer, maar minstens op een ander moment liggen. De reden? Het wordt te warm om te leren.

De aanleiding voor het BBC-artikel is het voorbije schooljaar in het Verenigd Koninkrijk. In Schotland begint de zomervakantie vroeger dan in Engeland en Wales. Terwijl de Schotse kinderen al thuis waren, zaten veel Engelse en Welshe leerlingen eind juni en een stuk van juli nog op de schoolbanken. Of beter: dat was de bedoeling. Maar tijdens de hitte moesten meer dan duizend scholen noodgedwongen sluiten of leerlingen vroeger naar huis sturen. Voor leerlingen die op dat moment hun GCSE- en A-level-examens aflegden, was de timing al helemaal een ramp.

De BBC bekeek Britse temperatuurgegevens en zag dat in de jaren zestig de eerste dag van het jaar waarop het 30 graden werd gemiddeld op 13 juli viel. In de jaren 2020 is dat nu 19 juni geworden. Het Britse Met Office spreekt ondertussen zelfs over een langer wordend feitelijk warm seizoen, met meer warm weer in mei en september, naast de klassieke zomermaanden. En belangrijk: warmte heeft ook gevolgen voor leren.

Er is al langer onderzoek dat een verband vindt tussen hoge temperaturen en slechtere leerprestaties. In een recente Britse analyse van het Met Office en University College London wordt (voorzichtig) geschat dat er nu al het equivalent van 6,7 leerdagen per jaar verloren zou gaan door hogere temperaturen. Bij een opwarming van 2 graden zou dat oplopen tot 8,2 dagen. Let wel: dit zijn schattingen van verloren leren, geen acht dagen waarop scholen letterlijk gesloten zouden zijn.

Ook bij het afleggen van toetsen lijkt warmte een rol te spelen. Dit is behoorlijk herkenbaar trouwens. In het BBC-stuk wordt verwezen naar het recente Well-Adapted UK-rapport van de Climate Change Committee. Daarin stelt men dat leerlingen die een examen afleggen bij 32 graden zowat 10 procent minder kans zouden hebben om te slagen dan wanneer ze hetzelfde examen bij 22 graden zouden afleggen (opgelet: correlatie, geen causaliteit).

Dat maakt de discussie over de zomervakantie ineens een pak moeilijker. We hebben het namelijk vaak over wat kinderen verliezen doordat ze in de zomer niet naar school gaan. Maar het is belangrijk om dus ook na te denken over wat kinderen verliezen door in de zomer wél op school te zijn, tenminste… als de gebouwen niet aangepast zijn.

Want voor alle duidelijkheid, de titel van deze blog was bewust wat provocerend. Maar als ik kijk naar de UK en hier, dan zie ik wel een gelijkaardig probleem: oude schoolgebouwen zonder klimaatcontrole. Betere zonwering, ventilatie, isolatie en eventuele koeling zullen wellicht belangrijker worden dan ooit. Een ouder merkt in het BBC-stuk op dat een goed gekoelde school tijdens een hittegolf voor sommige kinderen zelfs een betere plek kan zijn dan thuis. Niet ieder gezin woont tenslotte in een huis dat bestand is tegen extreem hoge temperaturen. Iets wat veel mensen deze zomer hebben ontdekt.

Een andere mogelijkheid is bijvoorbeeld niet om de vakantie langer of korter te maken, maar om deze te verschuiven. In Engeland gaan nu stemmen op om de zomervakantie vroeger te laten beginnen, zoals nu al in Schotland gebeurt. Kinderen zouden dan eind juni stoppen en ook vroeger in augustus weer beginnen. Je houdt hetzelfde aantal schooldagen, maar probeert ze op momenten te plannen waarop de omstandigheden beter zijn. In Vlaanderen begint de zomervakantie natuurlijk al op 1 juli. Maar als hete periodes zoals we deze zomer ervaarden, steeds vroeger beginnen, kun je zelfs de vraag stellen of dat in de toekomst vroeg genoeg is. En dan moet ik ook onmiddellijk denken aan de arme studenten die in juni examens afleggen in veel te warme lokalen en vooral moeten studeren in oververhitte kamers…

Tegelijk verschuiven we dan ook niet enkel de kalender maar wellicht ook het probleem. Extreme hitte kan ook in mei voorkomen en steeds vaker in september. Wie de schoolkalender van pakweg 2050 wil ontwerpen op basis van het weer van vandaag, loopt dus het risico opnieuw achter de feiten aan te lopen. Maar de discussie over de zomervakantie is wel degelijk een pak pittiger geworden.

Geef een reactie