In de afgelopen decennia heeft de onderwijspsychologie zich ontwikkeld tot een zeer belangrijk vakgebied dat (mee) de basis vormt voor het verbeteren van onderwijspraktijken en leerresultaten. Recent onderzoek, uitgevoerd door Hassan, Martella en Robinson, richtte zich op het identificeren van de meest invloedrijke artikelen en auteurs binnen dit onderzoeksdomein in de periode tussen 1988 en 2023. Dit onderzoek biedt waardevolle inzichten in de academische bijdragen die het veld hebben gevormd.
Om dit te doen analyseerden de onderzoekers gegevens van 15.274 artikelen, gepubliceerd in 12 vooraanstaande tijdschriften, waaronder het *Journal of Educational Psychology* en *Educational Psychologist*. Door gebruik te maken van de database Scopus, konden zij de meest geciteerde artikelen en auteurs bepalen, evenals hun invloed gemeten door het aantal citaties en de zogenaamde “h-index”. Dit laatste is een maatstaf die zowel de productiviteit als de impact van een wetenschapper in kaart brengt.
Een van de opvallendste bevindingen is dat het artikel van Ryan en Deci uit 2000, getiteld “Intrinsic and extrinsic motivations: Classic definitions and new directions,” met meer dan 9000 citaties het meest invloedrijke artikel in deze periode is. Dit werk legt de basis voor ons begrip van motivatie in educatieve settings, een thema dat centraal staat in veel van de meest geciteerde artikelen.
Op de tweede plaats staat het artikel van Pintrich en De Groot uit 1990, dat zich richt op de rol van motivatie en zelfregulatie in academische prestaties. De nadruk op motivatie blijkt een terugkerend thema te zijn in de meest geciteerde werken, wat de blijvende relevantie van dit onderwerp in de onderwijskundige psychologie onderstreept.
Het derde meest geciteerde artikel is er eentje van iemand die ik zeer goed ken, het is het klassiek Kirschner, Sweller & Clark artikel uit 2006!
Naast de meest geciteerde artikelen identificeerde het onderzoek ook de meest geciteerde auteurs. John Sweller, bekend om zijn werk op het gebied van cognitieve belastingstheorie of cognitive load theory, stond bovenaan de lijst, gevolgd door Richard E. Mayer en Fred Paas, beiden experts in multimedialeren. Ook (terug) Richard M. Ryan en Reinhard Pekrun, die veel hebben bijgedragen aan het onderzoek naar motivatie en emoties in het onderwijs, behoren tot de top van invloedrijke wetenschappers.
Interessant is dat enkele van de top 30 auteurs nooit eerder op dergelijke lijsten hebben gestaan, wat wijst op de verschuivingen in het vakgebied en de opkomst van nieuwe onderzoeksdomeinen.
Het onderzoek bracht ook de netwerken van samenwerking tussen de topauteurs in kaart. Dit toonde aan dat veel van deze invloedrijke wetenschappers met elkaar samenwerken, wat suggereert dat co-auteurschappen en interdisciplinaire samenwerking een belangrijke rol spelen in de productie van invloedrijk onderzoek.
Bovendien identificeerde de studie de meest populaire onderzoeksthema’s, waarbij motivatie opnieuw als een dominant onderwerp naar voren kwam, gevolgd door onderwerpen zoals zelfregulatie en de cognitive load-theory.
De bevindingen van deze uitgebreide analyse benadrukken de blijvende impact van onderzoek naar motivatie en de cognitive load theory binnen de onderwijspsychologie.
Hoi Pedro, dank voor deze snelle samenvatting. Heb je het artikel ook voor me. Het zit achter een betaalmuur.
veel dank
hr groeTom Oosterhuis
Pingback: Een infographic over constructivisme die af en toe de bal misslaat - X, Y of Einstein?