Lees dit verhaal over een van de grootste mislukkingen in de geschiedenis van technologie in het onderwijs

Het is misschien raar om een twitter-verhaal te delen, maar ik doe het omdat het ontzettend leerrijk is of kan zijn voor veel mensen in onderwijs. Het gaat over een van de grootste mislukkingen in de geschiedenis van technologie in onderwijs, goedbedoeld, maar… mislukt. Lees zeker tot het einde en huiver leer mee:

 

Buiten de Krijtlijnen: Roger Standaert over de eindtermen

Altijd interessant:

Een hot topic dezer dagen zijn de eindtermen. Het onderwijs in Vlaanderen moderniseert en nieuwe eindtermen horen daarbij. Maar hoe worden eindtermen nu gemaakt? Wat is belangrijk bij eindtermen en wat maakt nu een goede eindterm? We praten daarover met Roger Standaert. In 1991 werd hij benoemd tot eerste algemeen directeur van de nieuw opgerichte afdeling Onderwijsontwikkeling die belast was met het formuleren van de allereerste eindtermen. Kortom, Roger Standaert is dus de ideale gast om ons wegwijs te maken in de wereld van de eindtermen.

Hoe ziet effectieve professionalisering eruit? Nieuw EEF-rapport vat samen

We weten dat professionalisering een enorm verschil kan maken op het leren van leerlingen. Maar we weten evenzeer dat de kwaliteit van professionalisering nogal kan verschillen.  De EEF publiceerde gisteren een nieuwe rapport dat op weg wil zetten tot beter professionaliseren in het onderwijs. Je kan het rapport hier downloaden, deze poster vat het rapport samen:

Vertrouwen in de wetenschap maakt juist vatbaar voor pseudo-wetenschap (Linda Duits)

Deze post verscheen eerder op dieponderzoek.nl.

Vertrouwen is een hot issue op dit moment: er wordt veel gezegd en geschreven over vertrouwen in de politiek, dat cruciaal zou zijn voor het functioneren van de democratie. Ook vertrouwen in de wetenschap wordt belangrijk gevonden. Tegelijkertijd vraagt ‘de’ wetenschap juist om kritische geesten. Een recente studie [abstract] laat dat verschil duidelijk zien. Amerikaanse psychologen concluderen op basis van vier experimenten dat vertrouwen in wetenschap mensen juist vatbaar maakt voor geloof in pseudowetenschap.

Experimenten
In het eerste experiment werden respondenten verdeeld over twee groepen (‘condities’ in jargon). Beide groepen moesten een artikel lezen over het gefingeerde Valza Virus, maar de eerste groep las een variant waarin wetenschappers geciteerd werden die uitlegden hoe ze hun onderzoek hadden gedaan. In de tweede variant werden activisten geciteerd. Vervolgens moesten beide groepen een vragenlijst invullen.

Het tweede experiment herhaalde het eerste experiment, maar dan onder een representatieve steekproef van de Amerikaanse bevolking.

In het derde experiment kregen respondenten artikelen te lezen over een ander onderwerp, namelijk genetisch gemodificeerde organismen en een bedacht schandaal rond Monsanto. Ook hier las één groep een artikel waarin naar onderzoek werd verwezen. De tweede groep las een meer activistisch artikel, waarin werd verwezen naar een gepubliceerde maar ingetrokken studie.

Het vierde experiment week af: hier probeerden de onderzoekers de respondenten eerst in een bepaalde mindset te plaatsen. Ze werden verdeeld over 3×2 groepen: een groep werd aangemoedigd een kritische houding aan te nemen door ze te laten nadenken over niet blind vertrouwen op media en andere bronnen. De tweede groep werd juist aangemoedigd wetenschap te vertrouwen, door ze te laten nadenken over hoe wetenschap de wereld beter maakt. De derde groep was een controlegroep, zij moesten nadenken over landschappen. Vervolgens lazen de groepen dezelfde artikelen als in het derde experiment.

Resultaten
Uit het eerste experiment bleek dat respondenten in de wetenschappelijke conditie het artikel meer geloofden dan respondenten die het andere artikel lazen. Vertrouwen in wetenschap en methodologische geletterdheid hingen samen met een lager geloof in het artikel, oftewel: deze mensen namen het niet zomaar voor waar aan. Vertrouwen in wetenschap bepaalde ook in hoeverre mensen de wetenschappelijke content zouden willen verspreiden.

Ook in het tweede en derde experiment werden deze resultaten gevonden. Vertrouwen in wetenschap en methodologische geletterdheid hingen samen met een zwakker geloof in de desinformatie.

Het vierde experiment laat zien dat een kritische mindset zorgde voor een zwakker geloof in het artikel dan de mindset waarin vertrouwen in de wetenschap werd aangemoedigd.

Conclusie
De onderzoekers stellen op basis van deze experimenten dat mensen met een hoger vertrouwen in wetenschap vatbaar zijn voor desinformatie die pseudowetenschap bevat. Pseudowetenschap definiëren zij als “ogenschijnlijk wetenschappelijke maar foutieve inhoud en labels” (p. 1). Zolang er maar naar wetenschap verwezen werd, namen mensen met een hoog vertrouwen de informatie aan. Dit betekent volgens de onderzoekers dat campagnes tegen desinformatie die vertrouwen in de wetenschap promoten, de plank misslaan.

Het werkelijke tegengif zit volgens hen in methodologische geletterdheid. Daarnaast zien zij veelbelovende resultaten in ander onderzoek naar wetenschappelijke nieuwsgierigheid als middel tegen geloof in pseudowetenschap en desinformatie.

Implicaties
Dat klinkt allemaal heel aannemelijk, en ik ben er zeer voor dat journalisten veel meer vragen naar en schrijven over gehanteerde methodes (zie deze aflevering van Onder Mediadoctoren met Bas Haring over weerstand tegen waarheid). Maar zoals vaker met dit type onderzoek gaat de stap van experiment naar conclusie wel erg snel. Als we kritisch naar de gehanteerde methode kijken, zoals de onderzoekers zelf aanbevelen, gaat de boel wankelen. De definities doen ertoe, en de manier waarop concepten als pseudowetenschap zijn geoperationaliseerd. De experimenten en het bedachte materiaal (de artikelen die de deelnemers moesten lezen) vind ik daar niet sterk in.

Bovendien lezen mensen informatie niet in een experimentele setting. Fictieve artikelen lezen voor een wetenschappelijk onderzoek is vergaande abstractie van de werkelijkheid. In de echte wereld krijgen mensen bijvoorbeeld artikelen doorgestuurd van mensen die ze vertrouwen en dat heeft ook weer een effect op hoe aannemelijk ze informatie vinden. Tegelijkertijd lijkt het allemaal heel evident: natuurlijk staat blind vertrouwen haaks op een kritische geest.

Hoe differentiëren en ongelijkheid toch niet vergroten? Nieuwe leidraden en samenvattend infografieken helpen!

Er is een nieuwe leidraad rond differentiëren waarbij gelijke kansen centraal staat. Dat is niet zo voor de hand liggend, omdat verschillende vormen van differentiëren ook net de ongelijkheid net kunnen vergroten:

De leidraad ‘Differentiatie als sleutel voor gelijke kansen’ is gemaakt voor leerkrachten, schoolleiders, intern begeleiders en andere onderwijsprofessionals die hun onderwijs willen onderbouwen met kennis uit onderzoek. De informatie is bedoeld om antwoord te geven op de vraag: Hoe kun je als leerkracht ervoor zorgen dat alle leerlingen de gestelde doelen halen?

Je kan de leidraad hier gratis downloaden, maar er is ook deze samenvattende infografiek. Zelf miste ik eerst nog hoge verwachtingen hebben voor alle leerlingen, maar dat valt onder een positief klimaat, en daar hoort een tweede, aparte leidraad bij. Ook daar is een samenvattende poster van gemaakt.